ECLI:NL:GHARN:2007:BA2717
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R. van den Heuvel
- A.E. Harteveld
- J.S. van Duurling
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onjuiste toepassing artikel 139 Wetboek van Militair Strafrecht bij weigering uitzending Afghanistan
In deze strafzaak stond de vraag centraal of verdachte zich schuldig had gemaakt aan het weigeren of nalaten van iedere dienst als militair, door zijn weigering deel te nemen aan de missie in Afghanistan. De rechtbank had verdachte veroordeeld, maar het hof stelde vast dat verdachte tot zijn schorsing normale werkzaamheden had verricht en geen enkele dienst had geweigerd.
Het hof oordeelde dat de rechtbank een onjuiste uitleg had gegeven aan artikel 139 van Pro het Wetboek van Militair Strafrecht, dat strikt moet worden geïnterpreteerd en alleen ziet op totaalweigeraars. De weigering van alleen de uitzending naar Afghanistan valt hier niet onder.
De advocaat-generaal had gepleit voor bewezenverklaring, maar het hof volgde dit niet en sprak verdachte vrij. Het arrest benadrukt dat deze vrijspraak niet betekent dat militairen vrij zijn om uitzendingen te weigeren, maar dat andere strafbepalingen dan artikel 139 WMSr Pro daarvoor van toepassing kunnen zijn.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht door verdachte vrij te spreken van het ten laste gelegde. Hiermee werd bevestigd dat het weigeren van een specifieke uitzending niet gelijkstaat aan het weigeren van iedere dienst.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken omdat hij niet iedere dienst heeft geweigerd, maar alleen de uitzending naar Afghanistan.