ECLI:NL:GHARN:2007:BA2394
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R. van den Heuvel
- G. Mannoury
- H. Abbink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters strafkamer Gerechtshof Arnhem
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de leden van de strafkamer van het Gerechtshof Arnhem die zijn strafzaak behandelden, met name tegen mrs Van Kuijck en Van der Pol. Het verzoek richtte zich op vermeende onjuistheden in het proces-verbaal en een vermeend gebrek aan onpartijdigheid en vooringenomenheid van de rechters.
Het hof oordeelde dat het wrakingsverzoek tijdig was ingediend en dat de enkele omstandigheid dat een van de rechters eerder betrokken was bij een zaak tegen een andere verdachte met soortgelijke tenlasteleggingen geen zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid vormt. Het hof stelde dat een kritische ondervraging door de rechters niet wijst op vooringenomenheid, maar tot hun taak behoort.
Verder werd vastgesteld dat het proces-verbaal geen letterlijke weergave behoeft te zijn en dat vermeende onjuistheden niet per definitie duiden op vooringenomenheid. De meeste aangevoerde onjuistheden waren niet significant of konden worden aangevuld in een volgende zitting. Het hof concludeerde dat geen objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid bestond en wees het wrakingsverzoek af.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de raadsheren Van Kuijck en Van der Pol wordt afgewezen wegens gebrek aan zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.