ECLI:NL:GHARN:2007:BA1045
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- Abbink
- Mintjes
- Van Groningen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beklag tegen militaire arts en instructeurs na overlijden deelnemer project
De zaak betreft het beklag van de moeder van H., een deelnemer aan een militair project, tegen de militaire arts L. en instructeurs K. en W. na het overlijden van H. door een ernstige buikontsteking. H. had klachten, maar presenteerde zich beter dan hij zich voelde. De arts onderzocht hem en gaf medicatie, terwijl de instructeurs de opdracht kregen om H. in de gaten te houden.
Na het overlijden werd een strafrechtelijk onderzoek ingesteld naar mogelijke overtredingen van artikel 255 juncto Pro 257 en artikel 307 Sr Pro. Het hof oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor opzet of grove schuld van de beklaagden. De arts had adequaat gehandeld binnen de gegeven informatie, en de instructeurs mochten afgaan op het oordeel van de arts.
Klaagster was ontvankelijk in haar beklag, maar het hof concludeerde dat het beklag ongegrond was en wees het af. Klaagster werd geadviseerd een klacht in te dienen bij het medisch tuchtcollege indien gewenst.
Uitkomst: Het hof wijst het beklag af wegens onvoldoende bewijs voor opzet of schuld van de beklaagden.