ECLI:NL:GHARN:2007:AZ9983
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Mannoury
- Groen
- Van den Brink
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over loonvordering en nakoming arbeidsovereenkomsten tussen BV en echtpaar
In deze civiele zaak staat de vraag centraal in hoeverre de BV (voorheen onder een andere naam) aan haar verplichtingen uit zogenoemde arbeidsovereenkomsten heeft voldaan jegens het echtpaar, de geïntimeerden. Het hof verwijst naar een eerder tussenarrest waarin was vastgesteld dat het bruto loon over de looptijd van de overeenkomsten €340.104,96 bedroeg. Het hof corrigeert de berekeningswijze en bevestigt dit bedrag, waarvan een deel niet is uitbetaald.
De geïntimeerden vorderden een bedrag van circa ƒ400.000, maar het hof oordeelt dat dit bedrag niet verplicht was; de BV was gehouden tot maandelijkse loonbetalingen alsof arbeidsovereenkomsten bestonden. Uit bewijsstukken en accountantsverklaringen blijkt dat een bedrag van €64.760,90 netto niet is betaald.
Het hof wijst de vordering tot volledige ontbinding af, aangezien de BV haar verplichtingen voor een substantieel deel is nagekomen en de geïntimeerden geen gedeeltelijke ontbinding wensen. Verder wordt de BV veroordeeld tot betaling van de wettelijke rente vanaf 31 maart 2004. De kosten van eerste aanleg worden gecompenseerd en de kosten van hoger beroep worden verdeeld conform de uitkomst van het principaal en incidenteel appel.
Uitkomst: De BV wordt veroordeeld tot betaling van €64.760,90 netto loon met wettelijke rente, overige vorderingen worden afgewezen.