ECLI:NL:GHARN:2006:AZ8142
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P.M. Kooijmans
- A.M. van Amsterdam
- R.F.C. Spek
- Rechtspraak.nl
Geschil over uitstel en kwijtschelding successierecht bij aandelen met overtollige liquiditeiten
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de weigering van de Ontvanger om een hoger bedrag aan voorlopige kwijtschelding en uitstel van betaling van successierechten toe te kennen met betrekking tot aandelen in een vennootschap. Het geschil spitste zich toe op de vraag of een deel van de waarde van de aandelen toe te rekenen was aan overtollige liquiditeiten die niet tot het ondernemingsvermogen behoren.
Het Hof stelde vast dat de aandelen in kwestie een aanmerkelijk belang vormen en dat de waardering van de aandelen op rendementswaarde geschiedde. Belanghebbende voerde aan dat de geconsolideerde balans van de vennootschap en haar dochtermaatschappijen in aanmerking moest worden genomen en dat de overtollige liquiditeiten minder dan 15% van de activa bedragen, zodat geen korting toegepast moest worden.
De Ontvanger stelde dat alleen de balans van de vennootschap zelf relevant was en dat de overtollige liquiditeiten moesten worden afgezet tegen de rendementswaarde van de aandelen. Het Hof verwierp dit standpunt en oordeelde dat de geconsolideerde balans leidend is en dat de overtollige liquiditeiten minder dan 15% van het totaal aan bezittingen bedragen, waardoor geen korting wegens overliquiditeit toegepast hoeft te worden.
Daarnaast wees het Hof het standpunt van belanghebbende af dat inboedelgoederen tot de gebonden middelen behoren voor het bepalen van het uitstelbedrag. Het Hof bepaalde de voorlopige kwijtschelding op € 22.948 en het uitstel van betaling op € 12.506. De Ontvanger werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het Hof verleent voorlopige kwijtschelding van € 22.948 en uitstel van betaling van € 12.506 zonder toepassing van korting wegens overtollige liquiditeiten.