ECLI:NL:GHARN:2006:AY9479
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Makkink
- Steeg
- Van Loo
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over toepasselijkheid Duits recht bij koop pleziervaartuig en schadevergoeding
In deze civiele zaak draait het om een geschil over de koop van een pleziervaartuig, waarbij de vraag centraal staat welk recht van toepassing is en of schadevergoeding verschuldigd is wegens niet-nakoming. De appellant vordert betaling van diverse schadeposten van de geïntimeerden, mede-eigenaren van het schip, die het pleziervaartuig aan een derde hebben geleverd.
Het hof stelt vast dat het Weens Koopverdrag niet van toepassing is op deze consumentenkoop en dat het Europees Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (EVO) ook niet van toepassing is, omdat de geïntimeerden geen professionele wederpartijen zijn. Aangezien de geïntimeerden in Duitsland wonen en het schip daar geleverd zou worden, is Duits recht van toepassing.
Het hof laat de geïntimeerde sub 1 toe tot bewijslevering om tegenbewijs te leveren tegen de stelling dat een definitieve koopovereenkomst is gesloten. Tevens wordt een comparitie van partijen bevolen om de schadeposten nader te bespreken en de mogelijkheid van een minnelijke regeling te onderzoeken. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat Duits recht van toepassing is en staat bewijslevering toe over de schadevergoeding, waarna verdere beslissing wordt aangehouden.