ECLI:NL:GHARN:2006:AW1765
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Fokker
- Katz-Soeterboek
- Ter Veer
- Rechtspraak.nl
Vordering wettelijke rente na ingebrekestelling bij niet tijdige betaling
In deze civiele zaak stond de vraag centraal vanaf welk moment wettelijke rente verschuldigd is over een geldsom die CBT Vastgoedmanagers B.V. aan [A] Gerechtsdeurwaarders & Incasso B.V. moest betalen. Het hof bevestigde dat verzuim in beginsel pas ontstaat na ingebrekestelling, tenzij een uitzondering van artikel 6:83 BW Pro van toepassing is, wat hier niet het geval was.
Het deurwaarderskantoor had CBT op 8 april 2003 nogmaals schriftelijk in de gelegenheid gesteld om voor 25 april 2003 te betalen, wat als een geldige ingebrekestelling werd beoordeeld. De wettelijke rente is derhalve verschuldigd vanaf 26 april 2003. Het beroep van CBT op vernietiging van de algemene voorwaarden met contractuele rente werd gegrond verklaard, waardoor alleen de wettelijke rente toewijsbaar was.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de kantonrechter en veroordeelde CBT tot betaling van € 2.451,27 plus wettelijke rente vanaf 26 april 2003. Tevens werd CBT veroordeeld in de kosten van beide instanties, met een bijzondere kostenverdeling voor een akte van het deurwaarderskantoor. Het arrest werd uitgesproken op 28 maart 2006 door het Gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: CBT Vastgoedmanagers B.V. is veroordeeld tot betaling van € 2.451,27 plus wettelijke rente vanaf 26 april 2003.