ECLI:NL:GHARN:2006:AV7580
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Lahuis
- Van der Meer
- Verschuur
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens doodslag na geweldsincident met stompen op hoofd slachtoffer
Op 26 mei 2005 ontstond een vechtpartij tussen verdachte en het slachtoffer, waarbij het slachtoffer ruggelings op de grond viel. Verdachte stampte vervolgens meerdere keren met geschoeide voet krachtig op het hoofd van het slachtoffer, die daardoor kwam te overlijden. Verdachte verklaarde dat hij erg boos was en dat dit het moment was waarop het slachtoffer stierf.
Het hof stelde vast dat het overlijden mede het gevolg was van verstikking door zwelling en bloeduitstortingen in de neus, gecombineerd met de positie van het slachtoffer en de aanwezigheid van toxische stoffen. Hoewel het sectierapport geen onomstotelijke doodsoorzaak gaf, achtte het hof het overlijden redelijkerwijs toe te rekenen aan het geweld van verdachte.
Verdachte stelde dat hij slechts blauwe plekken wilde toebrengen en dat hij geen opzet had om het slachtoffer te doden. Het hof concludeerde echter uit het harde en gerichte stampen dat verdachte wel degelijk opzet had om het slachtoffer van het leven te beroven. Verdachte toonde na het incident geen zorg voor het slachtoffer en probeerde sporen te wissen door kleding te wassen.
Psychiatrisch onderzoek wees uit dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar was. Verdachte had geen eerdere geweldsdelicten en meldde zich zelf bij de politie. Gezien de ernst van het feit en omstandigheden legde het hof een gevangenisstraf van zes jaar op.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf wegens doodslag door hard stampen op het hoofd van het slachtoffer.