ECLI:NL:GHARN:2005:AT7842
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.B.H. Röben
- mrs Lamens
- mrs Ettema
- Rechtspraak.nl
Geen verliesneming vennootschap op optie-overeenkomst met directeur-grootaandeelhouder in 1999
Belanghebbende, een vennootschap met haar directeur-grootaandeelhouder A, sloot in 1999 een optie-overeenkomst waarbij A 80 callopties kocht van belanghebbende. De optieprijs werd betaald en de overeenkomst was geregistreerd bij de Belastingdienst. De vennootschap wilde het verlies uit deze optie-overeenkomst in 1999 in aftrek brengen op haar winst.
De Inspecteur van de Belastingdienst handhaafde de aanslag vennootschapsbelasting over 1999 en wees het verlies uit de optie-overeenkomst af, omdat niet was aangetoond dat de optie daadwerkelijk was uitgeoefend in dat jaar. Belanghebbende ging in beroep bij het Gerechtshof Arnhem.
Het hof stelde vast dat de overeenkomst zakelijk was en dat de optieprijs een zakelijke vergoeding vormde. Uit de stukken en het verhandelde ter zitting bleek echter niet dat de optie op of kort na de afloopdatum in juli 1999 was uitgeoefend, noch dat er een contante afwikkeling had plaatsgevonden. Daarom kon het verlies niet ten laste van de winst worden gebracht.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de aanslag terecht was vastgesteld zonder rekening te houden met het verlies uit de optie-overeenkomst. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard; het verlies uit de optie-overeenkomst mag niet in 1999 in aftrek worden gebracht.