ECLI:NL:GHARN:2005:AS9740

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
8 maart 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
21-001558-04
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Mintjes
  • Roessingh-Bakels
  • Berger
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 422 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens ontbreken aanmerkelijke kans op besmetting HIV bij onbeschermde seks

In deze strafzaak stond verdachte terecht wegens het aangaan van onbeschermde seksuele contacten terwijl hij HIV-positief is. Het hof heeft het bewijs onderzocht en onder meer deskundigenverklaringen over de kans op besmetting met HIV via orale seks met een zeer lage viral load in acht genomen.

De behandelend arts verklaarde dat verdachte sinds oktober 2000 met anti-HIV remmers werd behandeld en dat zijn viral load sinds maart 2001 onmeetbaar laag was. Een deskundige getuige verklaarde dat de kans op besmetting via orale seks bij een zeer lage viral load circa 1 op 25.000 tot 30.000 is, terwijl bij een normale viral load de kans 1 op 2.000 tot 3.000 bedraagt.

Het hof concludeerde dat verdachte zich niet willens en wetens heeft blootgesteld aan een aanmerkelijke kans op het intreden van de dood of zwaar lichamelijk letsel. Het enkel feit dat verdachte onbeschermde seks had terwijl hij HIV-positief was, betekent niet dat er een aannemelijke kans op besmetting was. Bijzondere risicoverhogende omstandigheden ontbraken.

Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van het tenlastegelegde. Het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om schuld vast te stellen en dat verdachte niet kon worden veroordeeld op basis van de feiten en omstandigheden.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens het ontbreken van een aanmerkelijke kans op besmetting met HIV en het intreden van dood of zwaar lichamelijk letsel.

Uitspraak

Parketnummer: 21-001558-04
Uitspraak dd.: 8 maart 2005
TEGENSPRAAK
Gerechtshof te Arnhem
meervoudige kamer voor strafzaken
Arrest
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank te Zwolle van 24 november 2003 in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [1979],
wonende te [woonplaats], [adres].
Het hoger beroep
De verdachte en de officier van justitie hebben tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 15 november 2004 en 22 februari 2005 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I), na voorlezing aan het hof overgelegd, en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
Het hof zal het vonnis, waarvan beroep, vernietigen nu het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.
De tenlastelegging
Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
(zie voor de inhoud van de dagvaarding bijlage II)
Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Vrijspraak
Het hof heeft uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen, dat verdachte het primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.
Het hof overweegt hieromtrent het volgende.
Blijkens de verklaring van de behandelend arts van verdachte wordt verdachte sedert oktober 2000 behandeld met anti-HIV remmers en is de viral-load in zijn bloed sedert maart 2001 onmeetbaar laag, hetgeen ook bij de laatste controle in mei 2004 nog steeds zo was.
De ter terechtzitting van 22 februari 2005 gehoorde getuige-deskundige professor S.A. Danner, heeft verklaard dat de kans op besmetting met het HIV-virus via orale seks met iemand wiens viral load zeer laag is circa 1:25.000 / 30.000 bedraagt. Met een normale viral load is de kans op besmetting met het HIV-virus via oraal contact 1:2.000 / 3.000.
In de schriftelijke verklaringen van deskundigen, welke door de raadsman zijn overgelegd, wordt gesproken over een besmettingskans die klein is (0 tot 0,04%) respectievelijk een extreem kleine kans.
Bijzondere risicoverhogende omstandigheden zijn ter terechtzitting niet gebleken.
Uit de beschikbare stukken en hetgeen ter terechtzitting naar voren is gebracht is het hof van oordeel dat verdachte zich niet willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat het gevolg, namelijk de dood dan wel het zwaar lichamelijk letsel, zal intreden.
Dat het aangaan van onbeschermde seksuele contacten door een HIV-besmet persoon, zoals verdachte, gevaarzettend en daarmee ongewenst is, brengt op zichzelf nog niet mee dat daardoor een naar algemene ervaringsregels als aannemelijk te beschouwen kans op besmetting - en dus op het oplopen van zwaar lichamelijk letsel - in het leven wordt geroepen.
Dat brengt mee dat van het tenlastegelegde moet worden vrijgesproken.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen, dat verdachte het primair en subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.
Aldus gewezen door
mr Mintjes, voorzitter,
mrs Roessingh-Bakels en Berger, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr Van Zwol, griffier,
en op 8 maart 2005 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr. Berger is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.