ECLI:NL:GHARN:2005:AS9634
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.J. Makkink
- Steeg
- Tjittes
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake terugvordering ten onrechte ontvangen werkloosheidsuitkeringen
In deze civiele procedure staat de terugvordering van ten onrechte ontvangen werkloosheidsuitkeringen centraal. Geïntimeerde was tot augustus 1994 docent en ontving een werkloosheidsuitkering. Na het verkrijgen van een nieuwe betrekking werd de uitkering teruggebracht, maar uitkeringen werden onterecht doorbetaald. USZO (later UWV) vorderde terugbetaling van deze bedragen.
De rechtbank wees de vordering af op grond van verval volgens het BWOO, maar het hof te Leeuwarden en de Hoge Raad vernietigden deze beslissingen en verwezen de zaak terug. Het geschil spitst zich toe op de vraag of de brief van 1 maart 1996 van USZO als een besluit in de zin van de Awb moet worden beschouwd en of de reactie van geïntimeerde als bezwaarschrift kan gelden.
Het hof oordeelt dat de brief van 1 maart 1996 inderdaad een besluit is en dat de reactie van geïntimeerde als bezwaarschrift moet worden aangemerkt. Omdat UWV niet op dit bezwaarschrift heeft beslist, ontbreekt formele rechtskracht van het terugvorderingsbesluit. UWV moet alsnog beslissen, waarna geïntimeerde de bestuursrechter kan benaderen. Het hof gelast een comparitie om voortgang en mogelijke schikking te bespreken en houdt de overige beslissingen aan.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en gelast een comparitie om voortgang en schikking te bespreken; UWV moet alsnog beslissen op het bezwaarschrift.