ECLI:NL:GHARN:2004:AS2661
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor niet afgedragen omzetbelasting ondanks vermelding in jaarrekening
Belanghebbende diende op 13 mei 2002 zijn aangifte inkomstenbelasting over 2000 in, inclusief de jaarrekening waarin een omzetbelastingschuld van ƒ 4.444 werd vermeld. De Inspecteur stelde vast dat deze omzetbelasting niet was afgedragen en kondigde een naheffingsaanslag en een vergrijpboete aan. De boete werd vastgesteld op 50% van het naheffingsbedrag.
Belanghebbende betwistte de boete, onder meer met het argument dat de bijlage bij de jaarrekening voldeed aan de inkeerregeling van het Besluit Bestuurlijke Boeten Belastingdienst 1998. Het hof verwierp dit argument omdat de bijlage niet als een suppletieaangifte kon worden beschouwd en niet voldeed aan de vereiste uitdrukkelijke kenbaarheid.
Verder wees het hof het beroep op artikel 67n AWR af, omdat deze bepaling alleen ziet op vrijwillige verbetering bij aanslagbelastingen. Het hof concludeerde dat het niet afdragen van de omzetbelasting aan opzet van belanghebbende te wijten was en dat de boete van 50% passend was.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees een kostenveroordeling af wegens het ontbreken van gronden daarvoor.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de oplegging van een vergrijpboete van 50% wegens niet afgedragen omzetbelasting ondanks vermelding in de jaarrekening.