ECLI:NL:GHARN:2004:AR3579
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M. van Schie
- N.E. Haas
- Lamens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling urencriterium zelfstandigenaftrek bij buitenlandse arbeidsuren in inkomstenbelasting
Belanghebbende, een jazzpianist en bandleider woonachtig in Nederland, maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting over 1996 waarin de Inspecteur de uren besteed aan buitenlandse winst niet meerekende voor het urencriterium van de zelfstandigenaftrek.
Het geschil betrof de ontvankelijkheid van het bezwaar en de vraag of de uren besteed aan in het buitenland behaalde winst meetellen voor het urencriterium. Belanghebbende stelde dat zijn buitenlandse inkomsten als loon werden belast en dat het buiten beschouwing laten van deze uren het gelijkheidsbeginsel schond.
Het Hof oordeelde dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard en dat de wettelijke regeling juist is dat uren die betrekking hebben op buitenlandse winst, waarop een regeling ter voorkoming van dubbele belasting van toepassing is, niet meetellen voor het urencriterium. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en discriminatie faalde omdat de situatie van belanghebbende niet vergelijkbaar is met binnenlandse belastingplichtigen.
Het Hof vernietigde de bestreden uitspraak, verklaarde belanghebbende ontvankelijk, handhaafde de aanslag en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten. Het Hof wees tevens op de mogelijkheid van cassatieberoep bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Hof handhaaft de aanslag en verklaart het bezwaar ontvankelijk, waarbij buitenlandse arbeidsuren niet meetellen voor het urencriterium van de zelfstandigenaftrek.