ECLI:NL:GHARN:2004:AR2266
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Lensing
- Vegter
- Van den Heuvel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep moordzaak met verminderd toerekeningsvatbaarheid en voorbedachte raad
Verdachte heeft op 7 augustus 2003 zijn oom in de gemeente Enschede met voorbedachte raad en opzettelijk met een mes meerdere keren gestoken, waardoor het slachtoffer is overleden. Het hof oordeelt dat verdachte niet volledig buiten zinnen was, gezien zijn rustige rijgedrag en het groeten van een kennis voorafgaand aan de aanrijding en steekpartij.
De gedragskundige rapportages concluderen dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar was door persoonlijke omstandigheden en slaapgebrek, maar wel in staat was het onrechtmatige van zijn handelen in te zien. Het hof acht het bewezen dat verdachte met kalm beraad en rustig overleg handelde, en veroordeelt hem tot 9 jaar gevangenisstraf.
De rechtbank had eerder 12 jaar opgelegd, maar het hof vernietigt dit vonnis en legt een lagere straf op vanwege de psychische omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan moord, waarbij de langdurige negatieve gevoelens jegens het slachtoffer en de emotionele uitbarsting een rol speelden.
Het hof houdt rekening met de ernst van het feit, de impact op de nabestaanden en de eerdere veroordelingen van verdachte. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 9 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte raad en lichte vermindering van toerekeningsvatbaarheid.