ECLI:NL:GHARN:2004:AQ9969
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.B.H. Röben
- J. Ettema
- J. Monsma
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vermindert boete wegens grove schuld bij omzetbelastingfouten
In deze bestuursrechtelijke zaak ging het om naheffingsaanslagen met vergrijpboeten opgelegd aan drie BV’s binnen een concern vanwege fouten in de aangiften omzetbelasting over november 1999. Het boekenonderzoek toonde herhaaldelijke administratieve onachtzaamheden die leidden tot onjuiste aangiften. Belanghebbende voerde aan dat geen sprake was van opzet, maar van fouten door een medewerker.
De Inspecteur stelde primair dat sprake was van voorwaardelijk opzet en subsidiair van grove schuld, en handhaafde een boete van 50%. Het hof oordeelde echter dat opzet niet overtuigend was bewezen, maar dat de fouten wel duiden op een aan opzet grenzende ernstige onachtzaamheid, kwalificerend als grove schuld. Tevens constateerde het hof een schending van de redelijke termijn van artikel 6 EVRM Pro door de lange duur van de procedure.
Daarom werd de boete verminderd tot 20% van de naheffingsaanslag. Het hof vernietigde de eerdere uitspraak van de Inspecteur, vergoedde het griffierecht aan belanghebbende en veroordeelde de Staat in de proceskosten. De uitspraak werd mondeling gedaan op 22 juli 2004 en is niet vatbaar voor cassatie.
Uitkomst: De boete voor omzetbelastingfouten wordt verminderd tot 20% wegens grove schuld en schending van de redelijke termijn.