ECLI:NL:GHARN:2004:AO9960
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Lamens
- M. Ettema
- J. Van Rij
- Rechtspraak.nl
Niet-toepassing artikel 31 Wet omzetbelasting bij overdracht exploitatie onroerende zaken
Belanghebbende nam per 1 december 1996 de exploitatie van een bedrijvencentrum over van A B.V., inclusief huurcontracten en verbouwingen. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag omzetbelasting op, stellende dat artikel 31 van Pro de Wet omzetbelasting 1968 van toepassing was. Belanghebbende betwistte dit en stelde dat hij slechts ondernemer werd op grond van artikel 7, tweede lid, letter b, van de Wet.
Na verwijzing door de Hoge Raad oordeelde het Gerechtshof dat de overdracht niet neerkomt op de overdracht van een onderneming of autonoom deel daarvan, zoals vereist voor toepassing van artikel 31. De exploitatie ging het normale vermogensbeheer niet te boven. De door belanghebbende verrichte werkzaamheden betroffen normale beheersdaden en de uitbestede serviceonderhoudscontracten waren onvoldoende aannemelijk gemaakt door de Inspecteur.
Het Hof vernietigde de naheffingsaanslag en veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten. Het standpunt van de Inspecteur dat artikel 31 is Pro bedoeld om fiscale schade bij faillissement te voorkomen, werd verworpen. De uitspraak bevestigt dat niet iedere overdracht van economische activiteit automatisch leidt tot toepassing van artikel 31.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd omdat de overdracht van de exploitatie het normale vermogensbeheer niet te boven gaat en artikel 31 niet van toepassing is.