ECLI:NL:GHARN:2004:AO8250
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Mens
- Hooft Graafland
- Hammerstein-Schoonderwoerd
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatiegeschil over bijdrage levensonderhoud en opvoeding na echtscheiding
Partijen zijn in 1991 gehuwd en in 2001 gescheiden. Uit het huwelijk is een minderjarig kind geboren over wie zij gezamenlijk het gezag uitoefenen. De rechtbank had eerder de man veroordeeld tot een bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw en in de kosten van verzorging en opvoeding van het kind. De man kwam in hoger beroep tegen deze beschikking en verzocht om verlaging van zijn bijdrage aan de vrouw.
Het hof heeft vastgesteld dat de vrouw in staat wordt geacht haar werk uit te breiden tot 3 à 4 dagen per week, waardoor haar behoefte aan alimentatie per 1 september 2004 op €700 per maand wordt vastgesteld. De behoefte van het kind is vastgesteld op €750 per maand, waarvan €50 door de vrouw wordt gedragen. De man wordt geacht voldoende draagkracht te hebben om deze bijdragen te betalen.
De man had aangevoerd dat de vrouw haar levensonderhoud zelf kon voorzien en dat zij gedragingen had die een verlaging van zijn bijdrage rechtvaardigden, maar het hof vond deze stellingen onvoldoende onderbouwd. De eerdere beschikking van de rechtbank wordt vernietigd en vervangen door deze nieuwe vaststellingen. De kosten van het geding worden gecompenseerd tussen partijen.
Uitkomst: De man moet vanaf 1 november 2002 €700 per maand bijdragen aan de verzorging van het kind en vanaf 1 september 2004 €700 per maand aan de vrouw voor levensonderhoud betalen.