ECLI:NL:GHARN:2003:AL7898
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep inzake aftrek procedurekosten ontslagprocedure als bedrijfskosten
Belanghebbende, die sinds 1993 een assurantiekantoor drijft naast haar dienstbetrekking als inspecteur van de belastingdienst, vormde in 1998 een voorziening voor procedurekosten die in 1999 werden gemaakt in verband met een ontslagprocedure. De Inspecteur betwistte dat deze kosten als bedrijfskosten konden worden aangemerkt omdat de procedurekosten niet waren opgeroepen door de bedrijfsuitoefening.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de procedurekosten met het oog op de zakelijke belangen van de onderneming waren gemaakt. Belanghebbende stelde dat de kosten primair waren gemaakt ter voorkoming van aantasting van de goede naam van het assurantiekantoor. Het hof oordeelde echter dat het motief voor het aanvechten van het ontslag lag in de sfeer van de dienstbetrekking en dat de enkele omstandigheid dat de achternaam van belanghebbende in de naam van het assurantiekantoor voorkomt onvoldoende is om de kosten toe te rekenen aan de onderneming.
Daarmee kon de voorziening niet worden geaccepteerd als bedrijfskosten en werd het beroep ongegrond verklaard. Ook de aanslag WAZ 1998 werd gehandhaafd omdat deze nihil bedroeg. Het hof wees tevens een kostenveroordeling af wegens het ontbreken van wettelijke gronden.
De uitspraak is mondeling gedaan op 3 september 2003 en schriftelijk bevestigd op 16 september 2003.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslagen inkomstenbelasting en WAZ 1998 wordt ongegrond verklaard omdat de procedurekosten niet als bedrijfskosten kunnen worden aangemerkt.