ECLI:NL:GHARN:2003:AF5661
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- F.J.P.M. Haas
- Van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting wegens niet opgegeven speelautomaatopbrengsten
Belanghebbende, vennoot in een vennootschap onder firma die een café exploiteert, is geconfronteerd met een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 1994. De Inspecteur stelde dat de vennootschap de omzet uit speelautomaten in de jaren 1992 tot en met 1996 structureel te laag had opgegeven, wat resulteerde in een naheffingsaanslag met een verhoging van 100%, waarvan 50% is kwijtgescholden.
Tijdens het boekenonderzoek en de procedure stelde de Inspecteur dat de plotselinge stijging van de omzet na invoering van het Besluit Tellers en Speelautomaten niet aannemelijk kon worden verklaard door belanghebbende. Belanghebbende voerde onder meer aan dat de omzetstijging samenhing met een verandering van danscafé naar dagcafé en dat de opbrengsten steeds door de exploitant werden geaccordeerd, maar kon dit niet overtuigend onderbouwen.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd voor de juistheid van de lagere omzetcijfers en dat de Inspecteur terecht de navorderingsaanslag had opgelegd. Ook de opgelegde verhoging werd grotendeels gehandhaafd, met een beperkte verlaging bij een gerelateerde naheffingsaanslag. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Inspecteur bevestigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 1994 en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond.