ECLI:NL:GHARN:2002:AF2720
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Lamens
- mr. Ettema
- mr. Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek termijnverlenging voor lijfrentepremies na stakingswinstcorrectie
Belanghebbende, voormalig firmant van een vennootschap onder firma, bracht zijn firma-aandeel in een besloten vennootschap in. In de aangifte inkomstenbelasting 1999 werd de stakingswinst omgezet in een lijfrentepremie, maar een deel van de vrijgevallen oudedagsreserve werd niet als lijfrentepremie aangemerkt omdat deze na de wettelijke zesmaandstermijn was betaald.
Belanghebbende verzocht de Inspecteur om toepassing van de hardheidsclausule, oftewel verlenging van de termijn, zodat de lijfrentepremie alsnog in aanmerking kon worden genomen. De Inspecteur wees dit verzoek af, waarna belanghebbende bezwaar maakte en in beroep ging bij het Hof.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de termijnoverschrijding het gevolg was van bijzondere omstandigheden die hem niet konden worden aangerekend. Tevens was niet voldaan aan de voorwaarden van het Besluit dat onder bepaalde voorwaarden termijnverlenging toestaat. Daarnaast werd geoordeeld dat de vrijval van de oudedagsreserve niet tot de stakingswinst behoort, maar tot de gewone jaarwinst, waardoor de correctie niet onder de regeling viel.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de bestreden uitspraak van de Inspecteur bevestigd. Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 18 november 2002 door het Gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 1999 wordt bevestigd.