ECLI:NL:GHARN:2002:AF1255
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.M. de Kroon
- J.P.M. Kooijmans
- C.M. Ettema
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen naheffingsaanslagen loonbelasting wegens niet-toepassing spaarloonregeling
Belanghebbende, een houdstermaatschappij met drie dochtervennootschappen, voerde aan dat zij als één economische eenheid met haar dochtervennootschappen moest worden beschouwd, waardoor de spaarloonregeling ook op haar werknemers van toepassing zou zijn. De Inspecteur legde naheffingsaanslagen loonbelasting op omdat de spaarloonregeling volgens artikel 23 van Pro de Uitvoeringsregeling werknemersspaarregelingen en winstdelingsregelingen (URWW) niet van toepassing was op belanghebbende.
Het hof oordeelde dat belanghebbende en haar dochtervennootschap [X-2] BV als afzonderlijke werkgevers moeten worden beschouwd, ieder met eigen werknemers en eigen inhoudingsplicht. De fiscale eenheid voor vennootschapsbelasting en omzetbelasting is niet relevant voor de toepassing van de spaarloonregeling.
Verder stelde het hof dat de verschillende arbeidsovereenkomsten en het ontbreken van een spaarloonregeling bij belanghebbende betekenen dat de werknemers niet als gelijke gevallen kunnen worden aangemerkt. Het beroep van belanghebbende werd daarom ongegrond verklaard.
Het hof wees het beroep op het gelijkheidsbeginsel af en vond geen grond om de Inspecteur in de proceskosten te veroordelen. De uitspraak werd mondeling gedaan op 24 oktober 2002 en schriftelijk bevestigd op 29 oktober 2002.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslagen loonbelasting wordt ongegrond verklaard.