ECLI:NL:GHARN:2002:AE5290
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M. van Schie
- mr. Matthijsen
- mr. Van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag vermogensbelasting wegens discriminatie binnenlands vermogen
Belanghebbende, een in Spanje gevestigde Nederlandse belastingplichtige, was aangeslagen voor vermogensbelasting over een binnenlands vermogen van ƒ 60.000 in 1995. Zij maakte bezwaar tegen de aanslag, die door de Inspecteur werd gehandhaafd. Na eerdere procedures en een arrest van de Hoge Raad werd de zaak verwezen naar het Gerechtshof Arnhem.
Het geschil betrof de vraag of de artikelen 13, lid 2, letter b, en 14, lid 2, letter b, van de Wet op de vermogensbelasting 1964 verenigbaar zijn met de artikelen 73B en 73D van het EG-Verdrag, die beperkingen van kapitaalverkeer verbieden. Belanghebbende stelde dat de aanslag discriminatoir was omdat geen rekening werd gehouden met schulden en geen belastingvrije som werd toegepast.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende en een binnenlandse belastingplichtige met vrijwel gelijk vermogen als gelijke gevallen moeten worden beschouwd. Het niet toepassen van de belastingvrije som bij belanghebbende vormde een willekeurige discriminatie in strijd met artikel 73D lid 3 EG-Verdrag. De aanslag werd vernietigd en de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De aanslag vermogensbelasting 1995 wordt vernietigd wegens discriminatie en de Inspecteur wordt veroordeeld in de proceskosten.