ECLI:NL:GHARN:2002:AE1038
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing zelfstandigenaftrek wegens niet voldoen aan urencriterium
Belanghebbende was in 1998 naast een loondienstverband van 40 uur per week ook ondernemer met een eenmanszaak die handelsbemiddeling tussen Oostbloklanden en Nederland verrichtte. Hij gaf een belastbaar inkomen op van fl. 64.692,00 met toepassing van de zelfstandigenaftrek. De Inspecteur weigerde deze aftrek omdat niet aan de grotendeelseis van artikel 44m, eerste lid, onderdeel a, Wet op de Inkomstenbelasting 1964 werd voldaan.
Belanghebbende leverde urenoverzichten aan waaruit bleek dat hij 1527 uur aan de onderneming had besteed, inclusief niet-declarabele uren op basis van 'no cure no pay'. De Inspecteur stelde dat het aantal uren dat voor de grotendeelseis moest worden gehanteerd het gemiddelde was van 1824 uur (40 uur per week minus vakantiedagen) en 1527 uur, zijnde 1675 uur.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat hij meer dan 1675 uur aan de onderneming had besteed, zodat niet aan het urencriterium werd voldaan. De aanslag is daarom terecht vastgesteld op een belastbaar inkomen van fl. 70.650,00 zonder zelfstandigenaftrek. Het beroep van belanghebbende is ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat belanghebbende niet voldoet aan het urencriterium en wijst het beroep af.