ECLI:NL:GHARN:2001:AD3663
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C.M. de Kroon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aftrek verhuiskosten wegens ontbreken zakelijke noodzaak
Belanghebbende, sinds 1985 werkzaam bij een kledingbedrijf, werd in maart 1997 benoemd tot lid van het managementteam en verhuisde toen dichter bij zijn werkplek. Hij claimde de verhuiskosten als aftrekpost op grond van artikel 7b lid 1 van de Uitvoeringsregeling IB 1990, omdat de verhuizing binnen twee jaar na functiewijziging plaatsvond en de afstand tot het werk aanzienlijk werd verkort.
De Inspecteur wees de aftrek af omdat een functiewijziging binnen dezelfde werkkring waarbij de werkzaamheden op dezelfde locatie plaatsvinden niet gelijkgesteld kan worden aan het aanvaarden van een nieuwe werkkring of overplaatsing. Belanghebbende voerde aan dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege de zwaardere en gewijzigde werkzaamheden, de functie als sleutelbewaarder en het advies van zijn vader.
Het Hof oordeelde echter dat de verhuizing niet overwegend zakelijke motieven had. De persoonlijke omstandigheden, zoals het huwelijk en samenwonen, speelden een belangrijke rol. Ook ontbrak het bewijs dat de functie een directe nabijheid vereiste. De eerdere jurisprudentie was niet van toepassing omdat die betrekking had op oudere belastingjaren en andere omstandigheden.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Inspecteur bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de afwijzing van de aftrek van verhuiskosten wegens ontbreken van overwegend zakelijke motieven.