ECLI:NL:GHARN:2001:AB2076
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete motorrijtuigenbelasting wegens overschrijding redelijke termijn
Belanghebbende was sinds 18 juli 1997 houder van een motorrijtuig met handelaarskenteken. Op 13 augustus 1997 werd geconstateerd dat het voertuig zonder handelaarskenteken op de openbare weg werd gebruikt. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting op voor de periode van 14 augustus 1996 tot 13 augustus 1997, inclusief een boete van 100%.
Het Hof oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd omdat het voertuig niet voldeed aan de voorwaarden voor het gebruik van een handelaarskenteken. De verklaring van de controlerende ambtenaar wordt als betrouwbaar aangenomen. De boete wordt echter verminderd tot nihil vanwege een overschrijding van de redelijke termijn van 32 maanden tussen oplegging en behandeling, waarbij geen bijzondere omstandigheden deze vertraging rechtvaardigen.
De zaak is ingedeeld als eenvoudig en de lange wachttijd wordt toegeschreven aan een grote werklast bij het Hof. Gelet op het belang van normhandhaving en het belang van belanghebbende bij verval van de boete, prevaleert het belang van belanghebbende. Het Hof veroordeelt de Inspecteur tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De boete motorrijtuigenbelasting wordt verminderd tot nihil wegens overschrijding van de redelijke termijn, terwijl de naheffingsaanslag wordt bevestigd.