ECLI:NL:GHARN:2001:AB0413
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde ondanks bodemverontreiniging bij monumentale woning
Belanghebbende, eigenaar van een monumentale villa gelegen in een beschermd natuurgebied, maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning vanwege bodemverontreiniging en vermeende waardedaling.
Het college had de waarde vastgesteld op ƒ 485.000, later verminderd tot ƒ 370.000, waarbij een rompslompforfait van 15% werd toegepast vanwege de verontreiniging en de ongemakken van sanering. Belanghebbende stelde dat de waarde nihil was door stigmatisering en toekomstige nazorgkosten.
Het Hof oordeelde dat de bodemverontreiniging reeds op de peildatum aanwezig was en dat de saneringskosten voor rekening van de overheid komen. Het rompslompforfait was voldoende om waardevermindering te compenseren. Belanghebbende kon zijn stellingen niet aannemelijk maken met een deskundig taxatierapport.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de waarde van ƒ 370.000 bevestigd. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van ƒ 370.000 bevestigd.