ECLI:NL:GHARN:2000:AA9009
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rijken
- Van Ginkel
- Wesseling-Lubberink
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid vereniging voor letsel berijdster door paard tijdens rijles
In deze zaak vordert de berijdster ([appellante]) schadevergoeding van de vereniging De Hoefslag wegens letsel veroorzaakt door een paard tijdens een rijles. De rechtbank oordeelde dat De Hoefslag aansprakelijk is op grond van risicoaansprakelijkheid als bezitter van het paard, maar dat de berijdster mede aansprakelijk is vanwege het vrijwillig berijden van het paard, met een schadeverdeling van 50:50.
In hoger beroep betwist [appellante] deze verdeling en stelt dat de toerekening aan haar niet correct is, en dat De Hoefslag mogelijk onzorgvuldig is geweest bij de toewijzing van het paard, dat bekend stond als 'lastig'. Het hof laat [appellante] toe tot bewijslevering over deze onzorgvuldigheid en bepaalt dat getuigenverhoren zullen plaatsvinden om dit te onderzoeken.
Het hof bevestigt dat het vrijwillig berijden van het paard een aan de berijdster toe te rekenen omstandigheid is, die de aansprakelijkheid van De Hoefslag kan verminderen. De uiteindelijke schadeverdeling zal afhangen van de bewijslevering en de mate van onzorgvuldigheid van De Hoefslag. Tevens wordt vastgesteld dat het inzetten van een niet-gediplomeerde instructrice niet toerekenbaar is aan De Hoefslag voor de schade.
Het arrest sluit cassatieberoep uit zolang het hoger beroep niet is afgerond en houdt verdere beslissing aan totdat het bewijs is geleverd en de getuigen zijn gehoord.
Uitkomst: Het hof bevestigt aansprakelijkheid van De Hoefslag, laat bewijs toe over onzorgvuldigheid bij toewijzing paard en bepaalt nadere procedure voor schadeverdeling.