ECLI:NL:GHARN:2000:AA7298
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Lamens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen WOZ-beschikking wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende, een B.V., diende bezwaar in tegen een WOZ-beschikking van 29 april 1998, maar deed dit pas bij brief van 12 mei 1999, ruim na de wettelijke termijn van zes weken. Het hof oordeelde dat belanghebbende hierdoor in verzuim was en haar bezwaar niet-ontvankelijk moest worden verklaard.
De verdediging stelde dat de beschikking aan een ander had moeten worden toegezonden, maar het hof stelde vast dat de beschikking terecht was verzonden aan degene die het genot van de onroerende zaak had, namelijk belanghebbende zelf. Er was geen bewijs dat belanghebbende de beschikking niet had ontvangen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de ambtenaar bevestigd. Het hof vond geen aanleiding voor een kostenveroordeling. De mondelinge uitspraak werd gedaan door raadsheer Lamens in aanwezigheid van griffier Van Hoorn.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de WOZ-beschikking wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn en de uitspraak van de ambtenaar wordt bevestigd.