ECLI:NL:GHARN:2000:AA6615
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.M. van Schie
- R. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Vermindering navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1996 wegens voordelen uit piramidespel
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 1996, waarin voordelen uit deelname aan een piramidespel werden belast. Het geschil betrof de kwalificatie van deze voordelen en de omvang van aftrekbare kosten.
Het hof oordeelde dat de voordelen uit het piramidespel, aangezien zij voortvloeien uit door belanghebbende verrichte arbeid, moeten worden gerekend tot inkomsten uit arbeid conform artikel 22, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. De voordelen konden niet als schenkingen worden aangemerkt omdat ze niet uit vrijgevigheid waren verkregen.
Verder verwierp het hof het verzoek van belanghebbende om alleen de voordelen te belasten die voortvloeiden uit door hem zelf aangebrachte deelnemers. Ook werd een onderscheid in fiscale behandeling tussen deelnemers met en zonder winst gerechtvaardigd geacht op grond van doelmatigheidsoverwegingen van de Belastingdienst.
Ten slotte werd overeengekomen dat de helft van de opgevoerde reiskosten alsnog in aanmerking moest worden genomen, waardoor de navorderingsaanslag werd verminderd. Het hof veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan belanghebbende.
Uitkomst: De navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1996 wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 74.206,-- en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.