ECLI:NL:GHARN:2000:AA5245
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.M. van Schie
- A.W.M. van der Waerden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WOZ-beschikkingen wegens onjuiste splitsing woon- en bedrijfsruimte
Belanghebbende maakte bezwaar tegen meerdere WOZ-beschikkingen die betrekking hadden op een pand dat zowel een woon- als een bedrijfsruimte omvatte. Het college had het pand gesplitst in twee afzonderlijke onroerende zaken met verschillende waarderingen en beschikkingen. Belanghebbende betwistte deze splitsing en stelde dat het pand feitelijk niet los van elkaar gebruikt kan worden.
Het hof oordeelde dat het college ten onrechte niet had toegestaan het bezwaar te splitsen en dat de beschikkingen die uitgingen van twee afzonderlijke objecten niet rechtsgeldig waren. De feitelijke situatie, waarbij de bovenwoning en de winkelruimte onderling afhankelijk zijn (zoals de bereikbaarheid van de kelder en meterkast via de winkel en het ontbreken van sanitaire voorzieningen in de winkel), maakt een gesplitst gebruik onmogelijk.
Gelet op de jurisprudentie van de Hoge Raad werd de splitsing van het pand in twee WOZ-objecten verworpen en de bestreden beschikkingen vernietigd. De proceskosten werden aan het college opgelegd. De zaak benadrukt het belang van een juiste waardering en indeling van onroerende zaken bij de WOZ en de noodzaak van zorgvuldige procedurele behandeling van bezwaren.
Uitkomst: De WOZ-beschikkingen die uitgaan van een gesplitst pand worden vernietigd wegens onjuiste splitsing.