ECLI:NL:GHARN:1999:AE9679
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Houtman
- Van Raalte
- Groen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens ontbreken gronden en laattijdig aanvullend verzoek in schuldsaneringszaak
Appellant X is in hoger beroep gekomen tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle dat zijn verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afwees. Het hof heeft het beroepschrift ontvangen, maar constateerde dat daarin de gronden voor het hoger beroep ontbraken en dat het oorspronkelijke verzoek en vonnis niet waren overgelegd. Tevens werd geen aanvullend verzoekschrift met gronden tijdig ingediend.
Tijdens de mondelinge behandeling op 27 mei 1999 verschenen zowel appellant als de bewindvoerder. Het hof overwoog dat appellant diverse afspraken met de bewindvoerder niet was nagekomen, onvoldoende opheldering gaf over een vordering en zich niet correct had gedragen ten aanzien van incasso van gecedeerde vorderingen.
Het hof verklaarde appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep. Voor het geval het hof inhoudelijk had moeten oordelen, zou het beroep geen succes hebben gehad vanwege gegronde vrees dat appellant schuldeisers zou benadelen of verplichtingen niet zou nakomen.
Het arrest werd gewezen door de rechters Houtman, Van Raalte en Groen en uitgesproken op 27 mei 1999.
Uitkomst: Appellant is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep wegens ontbreken van gronden en niet tijdig indienen van aanvullend verzoek.