ECLI:NL:GHARN:1999:AA4843
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.E. Haas
- Matthijssen
- Wolt
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van winst uit verkoop landbouwgrond binnen ondernemingsvermogen
De belanghebbende, een melkveehouder, betwistte de door de Inspecteur opgelegde aanslag inkomstenbelasting over 1995, waarin winst uit de verkoop van landbouwgrond werd belast. De grond was deels eigendom en deels gepacht van familieleden. De Inspecteur had een deel van de verkoopopbrengst als winst uit onderneming belast, terwijl de belanghebbende dit als onbelaste privévermogenswinst beschouwde.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of het aandeel van de belanghebbende in de verkochte grond tot het ondernemingsvermogen behoorde. Het Hof oordeelde dat het gehele aandeel en het pachtrecht sinds 1993 als bedrijfsmiddelen tot het ondernemingsvermogen behoren, en verwierp het beroep op een arrest van de Hoge Raad dat anders zou kunnen doen vermoeden.
De winst uit de verkoop werd berekend op ƒ 27.850,-, waarbij rekening werd gehouden met de waarde van de grond bij verkrijging. Een vermeende schadeloosstelling voor het prijsgeven van het voorkeursrecht werd niet aanvaard als belastbaar voordeel. De Inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht van de belanghebbende.
De uitspraak van de Inspecteur werd vernietigd en de aanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 52.287,- met inachtneming van de belastingvrije som en wettelijke heffingsrente.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 1995 wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 52.287,- met vergoeding van griffierecht en proceskosten.