ECLI:NL:GHARN:1999:AA1372
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.B.H. Röben
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen WOZ-beschikking wegens onjuiste objectafbakening
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-beschikking met betrekking tot een onroerende zaak gelegen op een kavel van 1.200 m2 in de gemeente Gendringen. De ambtenaar stelde dat er een verwisseling had plaatsgevonden tussen de objecten, waardoor de beschikking onjuist was. De beschikking werd bij uitspraak op bezwaar vernietigd wegens onjuiste objectafbakening.
Belanghebbende voerde in het beroep aan dat de vastgestelde waarde van het object niet reëel was vanwege de deplorabele staat van het pand. Het gerechtshof oordeelde echter dat nu de beschikking wegens onjuiste objectafbakening was vernietigd, belanghebbende niet-ontvankelijk was in zijn beroep.
Er werd geen grond gezien voor een kostenveroordeling op grond van artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken. De mondelinge uitspraak werd gedaan door mr J.B.H. Röben in aanwezigheid van de griffier. Belanghebbende was niet verschenen bij de mondelinge behandeling.
De uitspraak benadrukt dat belanghebbende binnen vier weken na verzending schriftelijk kan verzoeken om een schriftelijke uitspraak, welke niet tot heroverweging van de mondelinge uitspraak mag leiden. Tegen een schriftelijke uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard in zijn beroep tegen de WOZ-beschikking wegens vernietiging van de beschikking wegens onjuiste objectafbakening.