ECLI:NL:GHARN:1995:AA4671
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.M. van Schie
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van bouwgrondbelasting en voorzieningen van openbaar nut
Belanghebbende stelde primair de Verordening op de bouwgrondbelasting complex a onverbindend, subsidiair vernietiging van de aanslag en meer subsidiair vermindering van de aanslag. Het geschil betrof onder meer de vraag of voorzieningen van openbaar nut de onroerende zaak van belanghebbende in een voordeliger positie brachten en of de gemeente bevoegd was hem in de heffing te betrekken.
Het hof oordeelde dat het ontbreken van de woorden "voor bebouwing" in artikel 1 lid 1 van Pro de Verordening geen reden is voor onverbindendheid, mede gezien de considerans en koninklijke goedkeuring. Verder werd vastgesteld dat belanghebbendes onroerende zaak door de voorzieningen wel in een voordeliger positie is gekomen, ondanks eigen werkzaamheden.
De aanslag werd ambtshalve verminderd en deze vermindering werd gehandhaafd. Het beroep van belanghebbende werd afgewezen. Tevens werd bepaald dat burgemeester en wethouders het door belanghebbende betaalde griffierecht moeten vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt afgewezen en de ambtshalve vermindering van de aanslag gehandhaafd.