ECLI:NL:GHARN:1995:AA4670
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M. van Schie
- mrs. Röben
- Vester
- Rechtspraak.nl
Geschil over premieverhoging kapitaalverzekering met lijfrenteclausule en fiscale aftrekbaarheid
Belanghebbende sloot in 1990 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule af, waarbij een jaarlijkse premie werd vastgesteld met een optierecht voor premieverhoging en een betalingsvariant voor premieverlaging. In 1991 werd de premie verlaagd en in 1992 verhoogd, waarbij de inspecteur slechts een deel van de verhoging accepteerde voor fiscale aftrek.
Het geschil betrof de vraag of de premieverhoging in 1992 de eerbiedigende werking van artikel 75, lid 1, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 doorbrak, en of de volledige premieaftrek terecht werd geweigerd. Belanghebbende voerde aan dat de verhoging binnen de clausules viel en dat de polis niet hoefde te worden aangepast.
Het hof stelde vast dat de clausules optierecht en betalingsvariant deel uitmaakten van de oorspronkelijke overeenkomst en dat de premieverhoging in 1992 voorzienbaar was bij het afsluiten van de polis. De inspecteur stelde dat de verlaging in 1991 de mogelijkheid tot inhalen van de premieverhoging uitsloot, maar dit werd door het hof verworpen.
Het hof vernietigde de uitspraak waarvan beroep, verminderde de aanslag naar een lager belastbaar inkomen, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Hiermee werd bevestigd dat de premieverhoging binnen het oude regime viel en aftrekbaar was.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd en de volledige premieverhoging in 1992 wordt fiscaal aftrekbaar geacht.