Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
verzoekster in hoger beroep,
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering,
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De moeder en vader oefenden gezamenlijk gezag uit over hun in 2019 geboren kind. Sinds juni 2023 staat de minderjarige onder toezicht van een gecertificeerde instelling en verblijft bij de vader, terwijl de moeder beperkt contact heeft onder begeleiding.
De rechtbank had het gezamenlijk gezag beëindigd en het gezag aan de vader toegekend, met directe uitvoerbaarheid. De moeder ging hiertegen in hoger beroep en verzocht het gezamenlijk gezag te herstellen. De vader en de raad voor de kinderbescherming steunden het besluit van de rechtbank.
Het hof oordeelde dat de moeder onvoldoende in staat is om haar gezagsverantwoordelijkheden adequaat te vervullen, mede door slechte bereikbaarheid en het ontbreken van verbetering ondanks begeleiding. De vader draagt de dagelijkse zorg en het is in het belang van het kind dat hij snel en zelfstandig beslissingen kan nemen. Het hof bevestigde daarom de beschikking van de rechtbank, waarmee het gezag aan de vader wordt toegekend en het gezamenlijk gezag wordt beëindigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de beëindiging van het gezamenlijk gezag en kent het gezag toe aan de vader in het belang van de minderjarige.