Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift, tevens verzoek tot schorsing van de werking van de bestreden beschikking, met producties, ingekomen op 8 juli 2025;
- het verweerschrift tegen het verzoek tot schorsing en in de hoofdzaak;
- een journaalbericht namens de vader van 21 november 2025, met producties;
- een journaalbericht namens de moeder van 2 december 2025 met producties.
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat,
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat,
- een vertegenwoordiger van de raad voor de kinderbescherming (verder: de raad). Het hof heeft aan twee stagiaires van de raad bijzondere toegang verleend om de zitting bij te wonen.
3.De feiten
- [minderjarige1] , geboren [in] 2018, en
- [minderjarige2] , geboren [in] 2020.
- de kinderen aan de moeder toevertrouwd; en
- de volgende regeling ter verdeling van de zorg- en opvoedingstaken (hierna: zorgregeling) vastgesteld:
- de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij haar vast te stellen;
- na wijziging van haar verzoek, als zorgregeling vast te stellen dat de kinderen bij de vader verblijven: eens per twee weken van vrijdag na school tot zaterdag 15.00 uur bij de vader en elke woensdag na school tot 18.00 uur (met daarbij een regeling voor feest- en verjaardagen).
4.De omvang van het geschil
- de echtscheiding tussen partijen uitgesproken;
- de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de moeder vastgesteld;
- als zorgregeling vastgesteld dat de kinderen eens per twee weken van woensdag uit school tot de daarop volgende woensdag naar school bij de vader verblijven; en
- tijdens de (christelijke) feestdagen en korte verlofperiodes wordt de reguliere (weekend)regeling gevolgd, met dien verstande dat de kinderen in de even jaren op Goede Vrijdag en met Pasen bij de moeder zijn en met Pinksteren bij de vader. In de oneven jaren zijn ze op Goede Vrijdag en met Pasen bij de vader en met Pinksteren bij de moeder. Op Moederdag en de verjaardag van de moeder zijn de kinderen bij de moeder en op Vaderdag en de verjaardag van de vader zijn de kinderen bij de vader, met ingang van de (zaterdag)avond daaraan voorafgaand om 18.00 uur tot de dag erna om 10.00 uur of naar school.
- de bestreden beschikking te vernietigen, uitsluitend ten aanzien van de daarin opgenomen zorgregeling;
- een zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen hun hoofdverblijfplaats bij de moeder houden en waarbij het contact tussen de vader en de kinderen wordt vormgegeven conform de voorlopige zorgregeling die gold voorafgaand aan de bestreden beschikking,
- te bepalen dat de vader zicht onthoudt van het afdwingen van een verdergaande zorgregeling, tot daar in rechte onherroepelijk op is beslist;
- subsidiaireen regeling vast te stellen als het hof juist oordeelt;
- de werking van de bestreden beschikking te schorsen; en
- de proceskosten van deze procedure te compenseren, althans een beslissing te nemen als het hof juist oordeelt.
- de moeder niet-ontvankelijk te verklaren in haar verzoek tot schorsing van de werking van de bestreden beschikking dan wel dit verzoek af te wijzen;
- in de hoofdzaak de moeder niet-ontvankelijk te verklaren in haar verzoek dan wel dit verzoek af te wijzen en de bestreden beschikking te bekrachtigen.
5.De motivering van de beslissing
Het hof heeft begrip voor de zorgen van de moeder over de ontwikkelingsachterstand van [minderjarige1] en zijn prikkelverwerking, maar niet is gebleken dat de huidige regeling daarop in negatieve wijze van invloed is.