Uitspraak
- veroordeling van verdachte terzake het in de zaak met parketnummer 16-147707-22 primair tenlastegelegde (poging tot doodslag) en het in de zaak met parketnummer 16-061615-22 tenlastegelegde tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren, met aftrek van voorarrest;
- oplegging, met dadelijke uitvoerbaarheid, van de maatregel als bedoeld in artikel 38v Sr, inhoudende een contactverbod met aangeefster en haar kinderen en een gebiedsverbod voor [plaats] voor de duur van vijf jaren, waarbij per overtreding 14 dagen vervangende hechtenis moet worden toegepast met een maximum van 6 maanden;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] van in totaal
- onttrekking aan het verkeer van het inbeslaggenomen mes en de inbeslaggenomen lachgastank;
- teruggave aan de rechthebbende van de inbeslaggenomen kleding.
(‘een scherprandige lijnvormige onderbreking met wijkende wondranden, waarbij onderhuids vet zichtbaar is, de wonduiteinde is scherp, dit letsel past het meest bij een snee/steekwond, 8 hechtingen’)en een snijverwonding bij de ringvinger van de rechterhand. Beide letsels passen bij de verklaring van aangeefster dat zij op twee momenten de steek- en snijbewegingen van verdachte met het mes heeft afgeweerd. Eenmaal met haar hand toen verdachte haar in het gezicht wilde steken en eenmaal met haar been toen verdachte met het mes snijbewegingen naar haar buik maakte.
‘Ze heeft me gestoken. Ik zag bloed stromen. Ik wist niet hoe groot de verwonding was. Ik had witte schoenen aan. Alles werd rood. Alle artikelen die ik aanhad waren besmeurd met bloed. Alle items zaten onder het bloed’.Op de camerabeelden is echter te zien dat verdachte in een (bijna) smetteloos wit shirt de hotelkamer verlaat. Ook uit onderzoek aan de kleding van verdachte die hij ten tijde van het incident droeg, is niet gebleken dat zijn kleding ‘besmeurd’ was met bloed.
Beslag in de zaak met parketnummer 16-147707-22
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
4 (vier) jaren.
onttrekking aan het verkeervan de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten: het keukenmes en de lachgastank.
teruggaveaan rechthebbende van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven kleding.
€ 8.965,45 (achtduizend negenhonderdvijfenzestig euro en vijfenveertig cent) bestaande uit € 1.965,45 (duizend negenhonderdvijfenzestig euro en vijfenveertig cent) materiële schade en € 7.000,00 (zevenduizend euro) immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.