Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland waarin verdachte werd veroordeeld voor overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994, waaronder roekeloos rijgedrag met een ongeval waarbij een slachtoffer letsel opliep.
Verdachte reed op 27 september 2023 in een gestolen auto, negeerde een politievolgteken en vluchtte met zeer hoge snelheden, waaronder 250 km/u op de snelweg en 160 km/u binnen de bebouwde kom. Tijdens de vlucht verloor hij de controle en veroorzaakte een botsing waarbij het slachtoffer gebroken vinger, gekneusde ribben en een gekneusd borstbeen opliep. Verdachte verliet de plaats van het ongeval en vluchtte te voet.
Het hof bevestigde de schuld en ernst van het gedrag, maar vernietigde de strafoplegging en tenuitvoerlegging van de rechtbank. Na afweging van persoonlijke omstandigheden en eerdere veroordelingen legde het hof een gevangenisstraf van 10 maanden op, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 2 jaar.
Het hof wees het verzoek tot het opmaken van een reclasseringsrapportage af en verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep voor het deel gericht tegen de vrijspraak. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke ontzegging werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van kennisname door verdachte.