Uitspraak
[verdachte] ,
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
- veroordeling van verdachte voor de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten tot een gevangenisstraf van 30 dagen, waarvan 28 dagen voorwaardelijk, met aftrek van het voorarrest, met een proeftijd van 2 jaren, alsmede een taakstraf van 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis;
- toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] tot het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, en niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij in het overige deel.
Het vonnis
- verdachte voor de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 weken, waarvan één week voorwaardelijk, met aftrek van het voorarrest en met een proeftijd van 2 jaren;
- de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] deels toegewezen tot het bedrag van € 500,00, vermeerderd met de wettelijke, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel en de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in het overige deel.
Tenlastelegging
hij op of omstreeks 15 juni 2025 te [plaats] , zich met geweld en/of bedreiging met geweld, heeft verzet tegen een ambtenaar, [benadeelde] , hoofdagent, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van haar bediening, te weten ter aanhouding van verdachte, door: - weg te rennen, - die [benadeelde] bij de haren vast te pakken, - die [benadeelde] meermalen tegen het hoofd te slaan, - het hoofd van die [benadeelde] (tegen een muur) te duwen, althans tegen het hoofd van die [benadeelde] aan te duwen, - de nek van die [benadeelde] vast te pakken, - die [benadeelde] in een nekklem en/of houdgreep vast te houden, - zijn armen weg te trekken en/of - zijn armen met kracht te buigen, terwijl dit misdrijf en/of de daarmede gepaard gaande feitelijkheden enig lichamelijk letsel, te weten een wond bij de elleboog, een schram in de hals en/of een wond aan de rechterzijde van het gezicht van die [benadeelde] ten gevolge heeft gehad.
hij op of omstreeks 15 juni 2025 te [plaats] [benadeelde] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of zware mishandeling door haar meermalen de woorden toe te voegen: "ik maak je dood", althans woorden van gelijke bedreigende aard en/of strekking, terwijl dit feit werd gepleegd tegen die [benadeelde] , in diens hoedanigheid van ambtenaar van de politie.
hij op of omstreeks 15 juni 2025 te [plaats] opzettelijk niet heeft voldaan aan een bevel of een vordering, krachtens enig wettelijk voorschrift, te weten artikel 55e, derde lid, Wetboek van Strafvordering, gedaan door een ambtenaar, te weten, hulpofficier van justitie [ambtenaar] , belast met de uitoefening van enig toezicht en/of belast met en/of bevoegd verklaard tot het opsporen en/of onderzoeken van strafbare feiten, door, nadat deze ambtenaar hem had bevolen of van hem had gevorderd mee te werken met een bloedonderzoek, hieraan geen gevolg te geven.
Bewezenverklaring
hij op 15 juni 2025 te [plaats] , zich met geweld heeft verzet tegen een ambtenaar, [benadeelde] , hoofdagent, werkzaam in de rechtmatige uitoefening van haar bediening, te weten ter aanhouding van verdachte, door:
hij op 15 juni 2025 te [plaats] [benadeelde] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht door haar meermalen de woorden toe te voegen: "ik maak je dood", terwijl dit feit werd gepleegd tegen die [benadeelde] , in diens hoedanigheid van ambtenaar van de politie;
hij op 15 juni 2025 te [plaats] opzettelijk niet heeft voldaan aan een bevel of een vordering, krachtens enig wettelijk voorschrift, te weten artikel 55e, derde lid, Wetboek van Strafvordering, gedaan door een ambtenaar, te weten, hulpofficier van justitie [ambtenaar] , belast met de uitoefening van enig toezicht, door, nadat deze ambtenaar hem had bevolen of van hem had gevorderd mee te werken met een bloedonderzoek, hieraan geen gevolg te geven.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Oplegging van straf
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
Wetsartikelen
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
30 (dertig) dagen.
28 (achtentwintig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
taakstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
20 (twintig) dagen hechtenis.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde]
€ 500,00 (vijfhonderd euro) ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.