Uitspraak
[verzoekster]
[verweerder]
[belanghebbende]
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De feiten
- [naam] (hierna: ‘erflaatster’), geboren in [plaats1] [in] 1932 en overleden in [plaats2] [in] 2019, en
- [naam3] (hierna: ‘de vader’), geboren in [plaats3] [in] 1930 en overleden in Turkije [in] 1994.
- indien en voor zover [belanghebbende] geen afstand doet van zijn aandeel in het aandeel van erflaatster in het registergoed in Turkije, heeft zij aan [verzoekster] en [naam3] haar aandeel in dit registergoed gelegateerd. Dit betreft het registergoed in Turkije met [adres1] , dat deel uitmaakt van de wegens het overlijden van de vader ontbonden huwelijksgemeenschap van de vader en erflaatster, welk registergoed onverdeeld is gebleven.
- indien en voor zover uit een gerechtelijke procedure, een vaststellingsovereenkomst of anderszins mocht voortvloeien dat de nalatenschap van haar zus, [naam4] (hierna: ‘ [naam4] ’), nog een vordering heeft op [belanghebbende] , heeft zij haar aandeel (als erfgenaam van haar zus) in die vordering aan [belanghebbende] gelegateerd.