Uitspraak
Beslissing van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
[verdachte] ,
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Beslissing waarvan beroep
Vordering
Grondslag
- deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van een misdrijf als bedoeld in artikel 11, derde lid, van de Opiumwet (feit 1);
- medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel (feit 3);
- de eendaadse samenloop van medeplegen van het in de uitoefening van een beroep of bedrijf opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod en medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod, terwijl het feit betrekking heeft op een grote hoeveelheid van het middel (feit 4).
Berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel
Verplichting tot betaling aan de Staat
Wetsartikelen
BESLISSING
10.000,00 (tienduizend euro).
betaling aan de Staatter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van
€ 10.000,00 (tienduizend euro).