Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM -LEEUWARDEN
verzoeker in het principaal hoger beroep,
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
- [de minderjarige1] , geboren [in] 2014 in [plaats1] en
- [de minderjarige2] , geboren [in] 2015 in [plaats1] .
- in het geval dat de vader binnen een straal van 10 kilometer van de woning van de moeder in [plaats1] gaat wonen: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven de ene week bij de vader en de andere week bij de moeder (co-ouderschap);
- in het geval dat de vader op een grotere afstand dan 10 kilometer van de woning van de moeder in [plaats1] gaat wonen: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven eenmaal per twee weken van vrijdag uit school tot zondagavond 19.00 uur bij de vader, tenzij de kinderen op vrijdag vrij zijn, in welk geval ze vanaf donderdag uit school bij de vader zijn;
- in het geval dat er sprake is van co-ouderschap verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] de helft van de vakanties en feestdagen bij de moeder en de andere helft bij de vader, in onderling overleg te bepalen;
- in het geval dat er geen co-ouderschap is, verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] :
in de zomervakantie: in de oneven jaren de eerste drie weken bij de vader en de tweede drie weken bij de moeder, en in de even jaren andersom, waarbij de wissel plaatsvindt op zaterdag om 17.00 uur;
in de meivakantie: in de even jaren bij de moeder en in de oneven jaren bij de vader;
in de voorjaarsvakantie: in de oneven jaren bij de moeder en in de even jaren bij de vader;
in de herfstvakantie: bij de vader;
in de kerstvakantie: in de even jaren bij de moeder en in de oneven jaren bij de vader;
tijdens Pasen: in de oneven jaren bij de moeder, en in de even jaren bij de vader vanaf donderdag uit school tot maandag 19.00 uur;
op Hemelvaartsdag: in de oneven jaren bij de moeder, en in de even jaren bij de vader van de woensdag ervoor uit school tot 19.00 uur op Hemelvaartsdag;
tijdens Pinksteren: in de even jaren bij de moeder, en in de oneven jaren bij de vader vanaf donderdag uit school tot maandag 19.00 uur;
waarbij de vakanties aanvangen op vrijdag uit school en eindigen op zondag om 19.00 uur, en waarbij de regeling voor de meivakantie voorgaat op de regeling voor de feestdagen;
- in het geval dat er sprake is van co-ouderschap: een bedrag van € 627,- per maand moet betalen aan de moeder als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] ;
- in het geval dat er geen sprake is van co-ouderschap: een bedrag van € 710,- per maand moet betalen aan de moeder als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] ;
- de zomervakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven in de oneven jaren de eerste drie weken bij de vader en de laatste drie weken bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste drie weken bij de moeder en de laatste drie weken bij de vader. Het wisselmoment vindt plaats op de zondag in de derde week om 17.00 uur;
- de herfstvakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven bij de vader;
- de kerstvakantie: in de oneven jaren verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] de eerste week bij de vader en de tweede week bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste week bij de moeder en de tweede week bij de vader. De wissel vindt plaats op zaterdag om 17.00 uur in [plaats1] ;
- de voorjaarsvakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven bij de moeder;
- de meivakantie: in de oneven jaren verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] de eerste week bij de vader en de tweede week bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste week bij de moeder en de tweede week bij de vader;
- Pasen: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven in de oneven jaren bij de vader en in even jaren bij de moeder;
- Hemelvaart: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven in de oneven jaren bij de vader en in de even jaren bij de moeder;
- Pinksteren: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven in de oneven jaren bij de moeder en in de even jaren bij de vader. In 2025 verblijven zij tijdens de studiedagen na Pinksteren tot de eerstvolgende schooldag in de week van de vader bij de moeder;
- de vakantieregeling prevaleert boven de regeling voor de feestdagen;
- de vakanties vangen aan op vrijdag uit school en eindigen op dinsdagochtend naar school;
- in het geval er een studiedag is op de vrijdag voor de vakantie, vindt de wisseling plaats op de vrijdagochtend om 10.00 uur in [plaats1] ;
- als er een studiedag is op de dinsdag na de vakantie, vindt de wissel plaats op dinsdagochtend om 10.00 uur in [plaats1] ;
4.Omvang van het geschil
- de kinderen de volledige
- zomervakantie: eerste drie weken bij de moeder (even jaar), laatste drie weken bij de vader (even jaar), eerste drie weken bij de vader (oneven jaar), laatste drie weken bij de moeder (oneven jaar), met de wissel op de zondag om 17.00 uur op het station [plaats3] of op een nader afgesproken plek;
- voorjaarsvakantie: oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader;
- meivakantie: even jaren bij de moeder, oneven jaren bij de vader;
- herfstvakantie: altijd bij de vader;
- waarbij alle vakanties aanvangen op de laatste schooldag uit school en eindigen op de dag voor de school aanvangt, waarbij de moeder kan aangeven hoe laat de wissel dient te zijn;
- Pasen: vanaf donderdagmiddag uit school indien de kinderen op Goede Vrijdag vrij zijn, tot en met paasmaandag elk jaar bij de moeder;
- Hemelvaart: woensdagmiddag uit school tot en met zondag, elk jaar
bij de vader(begrijpt het hof); - Pinksteren: oneven jaar bij de vader, even jaar bij de moeder;
- waarbij de meivakantie prevaleert boven de feestdagenregeling;
even jarende eerste drie weken vanaf de laatste schooldag na schooltijd bij de moeder en de laatste drie weken tot dinsdagochtend weer naar school bij de vader en in de
oneven jarende eerste drie weken zomervakantie vanaf de laatste schooldag na schooltijd bij de vader en de laatste drie weken tot dinsdagochtend weer naar school bij de moeder. Met een wissel na drie weken op zondag om 17.00 uur in [plaats1] (of in gezamenlijk overleg op een andere plek);
even jarenbij de moeder vanaf de laatste schooldag na schooltijd tot de eerstvolgende schooldag waarop de kinderen in de ochtend weer naar school gebracht worden, maar tot de dinsdagochtend als er maandag wel school is en in de
oneven jarenbij de vader onder gelijke condities als bij de moeder;
evenjaren de eerste drie weken vanaf de laatste schooldag na schooltijd bij de moeder en de laatste drie weken bij de vader. In de
onevenjaren de eerste drie weken zomervakantie vanaf de laatste schooldag na schooltijd bij de vader en de laatste drie weken bij de moeder. Met een wissel na drie weken op zondag om 17.00 uur in [plaats1] (of in gezamenlijk overleg op een andere plek);
altijdbij vader;
even jarengeheel bij de moeder vanaf de laatste schooldag na schooltijd tot de eerstvolgende schooldag waarop de kinderen in de ochtend weer naar school gebracht worden en in de oneven jaren bij de vader onder gelijke condities als bij de moeder;
even jarenvanaf de laatste schooldag na schooltijd tot de eerstvolgende schooldag waarop de kinderen in de ochtend weer naar school gebracht worden bij de moeder en in de
oneven jarenbij de vader onder gelijke condities als bij de moeder;
altijdbij de vader;
altijdbij de vader;
even jarenbij de moeder en in de
oneven jarenbij de vader;
- de kinderen eens per twee weken van vrijdag na school tot zondagavond 19.30 uur bij de vader zullen verblijven;
- een vakantieregeling van toepassing zal zijn als door de rechtbank d.d. 21 januari 2025 is beslist ten aanzien van de situatie dat er geen sprake is van co-ouderschap;
- althans een beslissing te nemen die het hof juist acht.
5.De motivering van de beslissing
6.Draagkrachtberekeningen
7.Kindbrieven
8.De beslissing
principaal hoger beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen:
- bepaalt dat de vader aan de moeder met ingang van 12 mei 2025 tot 1 januari 2026 als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] een bedrag van € 313,50 per kind per maand zal betalen;
- bepaalt dat de vader aan de moeder met ingang van 1 januari 2026 tot 1 september 2026 als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] een bedrag van € 327,92 per kind per maand zal betalen;
- bepaalt dat de vader aan de moeder met ingang van 1 september 2026 als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van [de minderjarige1] en [de minderjarige2] een bedrag van € 190,- per kind per maand zal betalen;
- de toekomstige termijnen telkens bij vooruitbetaling te voldoen;
in het incidenteel hoger beroep:
- de zomervakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven in de oneven jaren de eerste drie weken bij de vader en de laatste drie weken bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste drie weken bij de moeder en de laatste drie weken bij de vader. Het wisselmoment vindt plaats op de zondag in de derde week om 17.00 uur;
- de herfstvakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven bij de vader;
- de kerstvakantie: in de oneven jaren verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] de eerste week bij de vader en de tweede week bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste week bij de moeder en de tweede week bij de vader. De wissel vindt plaats op zaterdag om 17.00 uur in [plaats1] ;
- de voorjaarsvakantie: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven bij de moeder;
- de meivakantie: in de oneven jaren verblijven [de minderjarige1] en [de minderjarige2] de eerste week bij de vader en de tweede week bij de moeder. In de even jaren verblijven zij de eerste week bij de moeder en de tweede week bij de vader;
- Pasen: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven vanaf donderdag uit school tot dinsdagochtend naar school in de oneven jaren bij de vader en in even jaren bij de moeder;
- Hemelvaart: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven vanaf woensdag uit school tot maandagochtend naar school in de oneven jaren bij de vader en in de even jaren bij de moeder;
- Pinksteren: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] verblijven van vrijdagmiddag na school tot dinsdagochtend naar school in de oneven jaren bij de moeder en in de even jaren bij de vader;
- de vakantieregeling prevaleert boven de regeling voor de feestdagen;
- de vakanties vangen aan op vrijdag uit school en eindigen op dinsdagochtend naar school als in deze beslissing niet een ander wisselmoment is bepaald;
- in het geval er een studiedag is op de vrijdag voor de vakantie, vindt de wisseling plaats op de vrijdagochtend om 10.00 uur in [plaats1] ;
- als er een studiedag is op de dinsdag na de vakantie, vindt de wisseling plaats op dinsdagochtend om 10.00 uur in [plaats1] ;