Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.De procedure in eerste aanleg
2.De procedure in hoger beroep
3.De feiten
4.De omvang van het geschil
I alsnog te bepalen dat de aandelen met nummers 9.001 tot en met 18.000 en
primair: te bepalen dat, alvorens de netto verkoopopbrengst van de gezamenlijke
subsidiair: te bepalen dat de vrouw uit de netto-opbrengst van de verkoop van de
meer subsidiair: te bepalen dat, alvorens de netto verkoopopbrengst van de gezamenlijke
woninggelijkelijk tussen partijen wordt verdeeld, eerst aan de man een bedrag toekomt
ad.€ 14.333,40, dan wel aan de man een nog nader te bepalen bedrag toekomt, vanwege
het feit dat de man met privégelden in de gezamenlijke woning heeftgeïnvesteerd;
nog meer subsidiair: voor het geval de vrouw bij helfte bijdraagt in de aflossingen,
tebepalen dat de vrouw uit de netto-opbrengst van de verkoop van de
gezamenlijkewoning, de man een bedrag ad. € 14.333,40 moet vergoeden dan wel de
man eennader te bepalen bedrag moet vergoeden, vanwege het feit dat de man met privé
5.De motivering van de beslissing
Zoals hiervoor is overwogen, zijn partijen het eens over de verdeling van een aantal vermogensbestanddelen. Voor die bestanddelen zal de rechtbank geen beslissing opnemen in