De man is met drie grieven in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikking. De man verzoekt het hof bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de bestreden beschikking te vernietigen en opnieuw recht doende:
I alsnog te bepalen dat de aandelen met nummers 9.001 tot en met 18.000 en
18.091 tot en met 18.180 (welke reeds op haar naam staan) aan de vrouw worden
toebedeeld en te bepalen dat de aandelen met nummers 1 tot en met 9.000 en
18.001 tot en met 18.090 (welke reeds op zijn naam staan) aan de man worden
toebedeeld en daarbij te bepalen dat het bedrag ad. € 150.000,- wat de vrouw van
de man heeft ontvangen, als onverschuldigd betaald aan de man terugbetaald dient
te worden, een en ander binnen 14 dagen na betekening van de in deze te wijzen
beschikking, waarna de vrouw in gebreke is en aanspraak wordt gemaakt op de
wettelijke rente over dit bedrag, vanaf de datum waarop de vrouw in gebreke is tot
de datum van algehele voldoening;
II te bepalen dat de Volvo V40 wordt toebedeeld aan de vrouw en dat de Volvo V70
wordt toebedeeld aan de man en daarbij tegelijkertijd te bepalen dat, vanwege deze
verdeling, de vrouw is overbedeeld en de man een bedrag ad. € 3.325,- moet
vergoeden;
III
primair: te bepalen dat, alvorens de netto verkoopopbrengst van de gezamenlijke
woning gelijkelijk tussen partijen wordt verdeeld, eerst aan de man een bedrag
toekomt ad. € 40.333,80 (dan wel een nader te bepalen bedrag), vanwege het feit
dat de man, na de peildatum, met privégelden in de gezamenlijke woning heeft
geïnvesteerd;
subsidiair: te bepalen dat de vrouw uit de netto-opbrengst van de verkoop van de
gezamenlijke woning, de man een bedrag ad. € 40.333,80 moet vergoeden, dan wel
een nader te bepalen bedrag aan de man moet vergoeden, vanwege het feit dat hij
met privé gelden in de gezamenlijke woning heeft geïnvesteerd, c.q. met privé
gelden op de gezamenlijke hypotheek ten aanzien van de gezamenlijke woning
heeft afgelost, een en ander door de vrouw te voldoen binnen 14 dagen na afgifte
van de in deze te wijzen beschikking, waarna de vrouw in gebreke is en aanspraak
wordt gemaakt op de wettelijke rente vanaf de dag dat de vrouw in gebreke is tot de
dag der algehele voldoening;
meer subsidiair: te bepalen dat, alvorens de netto verkoopopbrengst van de gezamenlijke
woninggelijkelijk tussen partijen wordt verdeeld, eerst aan de man een bedrag toekomt
ad.€ 14.333,40, dan wel aan de man een nog nader te bepalen bedrag toekomt, vanwege
het feit dat de man met privégelden in de gezamenlijke woning heeftgeïnvesteerd;
nog meer subsidiair: voor het geval de vrouw bij helfte bijdraagt in de aflossingen,
tebepalen dat de vrouw uit de netto-opbrengst van de verkoop van de
gezamenlijkewoning, de man een bedrag ad. € 14.333,40 moet vergoeden dan wel de
man eennader te bepalen bedrag moet vergoeden, vanwege het feit dat de man met privé
gelden in de gezamenlijke woning heeft geïnvesteerd, c.q. met privé gelden op de gezamenlijke hypotheek ten aanzien van de gezamenlijke woning heeft afgelost, een en ander door de vrouw te voldoen binnen 14 dagen na afgifte van de in deze te wijzen beschikking, waarna de vrouw in gebreke is en aanspraak wordt gemaakt op de wettelijke rente vanaf de dag dat de vrouw in gebreke is tot de dag der algehele voldoening.