Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2026:1989

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
1 april 2026
Zaaknummer
21-001562-25
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging ontnemingsvordering en wederrechtelijk verkregen voordeel van 17.800 euro

In deze ontnemingszaak heeft de militaire kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep van betrokkene behandeld tegen de beslissing van de militaire kamer van de rechtbank Gelderland. De rechtbank had het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld op €17.800 en betrokkene verplicht tot betaling van €11.745,25 aan de Staat.

Tijdens de zitting op 19 maart 2026 heeft het hof kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en de argumenten van betrokkene en zijn raadsman. Betrokkene had facturen overgelegd met betrekking tot de inkoop van 3-MMC, maar het hof oordeelde dat deze geen aanleiding geven om het voordeel naar beneden bij te stellen, omdat bij de berekening al rekening was gehouden met een hogere inkoopprijs dan daadwerkelijk was.

Het hof concludeert dat de rechtbank op goede gronden en op juiste wijze heeft beslist en bevestigt het vonnis, met een aanvulling van de motivering. Het arrest is uitgesproken op 2 april 2026 door de militaire kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de ontnemingsvordering en verplicht betrokkene tot betaling van €11.745,25 aan de Staat.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-001562-25
Uitspraakdatum: 2 april 2026
TEGENSPRAAK
ONTNEMINGSZAAK
Arrestvan de militaire kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen de beslissing van de militaire kamer van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, van 24 maart 2025 met parketnummer 05-061779-24 op de ontnemingsvordering, in de zaak tegen

[Verdachte] ,

geboren op [Geboortedatum] 1996 in [Geboorteplaats] ,
wonende te [Adres] .

Hoger beroep

Betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de militaire kamer van de rechtbank Gelderland.

Onderzoek van de zaak

Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat op de zitting van het hof van 19 maart 2026 en wat er op de zitting bij de rechtbank besproken is.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat betrokkene en zijn raadsman, mr. E.A. Breetveld, hebben aangevoerd.

De beslissing

De militaire kamer van de rechtbank heeft het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vastgesteld op € 17.800,- en aan betrokkene de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 11.745,25.
Het hof is van oordeel dat de rechtbank op goede gronden en juiste wijze heeft beslist. Het hof zal de uitspraak, zij het met aanvulling van de gronden op de wijze zoals hierna is vermeld, bevestigen.

Aanvulling van de gronden

Het hof ziet in de facturen die zien op de inkoop van 3-MMC, die de raadsman ter terechtzitting in hoger beroep heeft overgelegd, geen aanleiding om het wederrechtelijk verkregen voordeel naar beneden bij te stellen, nu bij de berekening van dat voordeel al rekening is gehouden met een (zelfs hogere dan daadwerkelijke) inkoopprijs van de 3-MMC.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt de uitspraak waarvan beroep, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door mr. R.H. Koning, mr. S. Bek en commandeur mr. F.E. Venema, militair lid, in aanwezigheid van de griffier mr. M.E. Ruiter en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 2 april 2026.
Commandeur mr. F.E. Venema is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 2 april 2026.
Tegenwoordig:
mr. R.H. Koning, voorzitter,
mr. M.C. Polfliet, advocaat-generaal,
mr. A.S. Janssen, griffier.
De voorzitter doet de zaak uitroepen.
De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.
De voorzitter spreekt het arrest uit.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.