Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:GHARL:2026:1591

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
17 maart 2026
Publicatiedatum
17 maart 2026
Zaaknummer
200.357.440
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • K.A.M. van Os - ten Have
  • S. Kuijpers
  • L.D.M. Rubens - Snijders
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:448 BWArt. 432 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep tegen afwijzing ontslag bewindvoerder wegens gebrek aan gewichtige redenen

De kantonrechter in Zutphen wees op 1 mei 2025 het verzoek van de verzoeker af om de bewindvoerder en mentor te ontslaan. De verzoeker ging hiertegen in hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

De verzoeker stelde dat het vertrouwen in de bewindvoerder was verdwenen, wat volgens vaste rechtspraak een gewichtige reden kan zijn voor ontslag. De bewindvoerder stelde dat de samenwerking tot eind 2024 goed verliep, maar dat de mentale achteruitgang van de verzoeker en zijn middelengebruik de situatie bemoeilijkten.

Het hof oordeelde dat de verzoeker onvoldoende concrete voorbeelden gaf van een vertrouwensbreuk en dat het wisselende vertrouwen samenhing met zijn psychische gesteldheid. De bewindvoerder behartigt de belangen van de verzoeker naar behoren, de financiële situatie is stabiel en er is goed contact. Daarom zijn er geen gewichtige redenen voor ontslag. Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en wees het beroep af.

Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst het verzoek tot ontslag van de bewindvoerder af wegens het ontbreken van gewichtige redenen.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM -LEEUWARDEN
locatie Arnhem , afdeling civiel
zaaknummer gerechtshof 200.357.440
(zaaknummer rechtbank Gelderland 11529267)
beschikking van 17 maart 2026
in de zaak van
[verzoeker]( [verzoeker] ),
die woont in [woonplaats1] ,
advocaat: mr. O.D. Nijenhuis,
en
De Regt Bewind B.V.(de bewindvoerder),
die is gevestigd in Apeldoorn,
en
de belanghebbenden in hoger beroep:

1.[belanghebbende1] ,

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

2.[belanghebbende2]

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

3.[belanghebbende3] ,

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

4.[belanghebbende4] ,

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

5.[belanghebbende5] ,

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

6.[belanghebbende6] ,

die woont in [woonplaats3] ,

7.[belanghebbende7] ,

die woont in [woonplaats2] (gemeente [gemeentenaam] ),

8.[belanghebbende8] ,

die woont in [woonplaats4] (gemeente [gemeentenaam] ).

1.Samenvatting

De kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, heeft op 1 mei 2025 de verzoeken van [verzoeker] om ontslag van de bewindvoerder en zijn mentor, op dat moment SOFIAD Bewind B.V., afgewezen. Het hof beslist dat dit zo moet blijven en legt hierna uit waarom.

2.De feiten

2.1.
Op 5 maart 2010 heeft de kantonrechter in de rechtbank Amsterdam [verzoeker] onder curatele gesteld vanwege een geestelijke stoornis.
2.2.
Op 12 februari 2018 is de ondercuratelestelling omgezet naar een bewind en een mentorschap. De Regt B.V. is benoemd tot bewindvoerder. SOFIAD Bewind B.V. is met ingang van 16 juli 2024 benoemd tot mentor.

3.De procedure bij de kantonrechter

[verzoeker] heeft de kantonrechter verzocht om de bewindvoerder en de mentor te ontslaan. De kantonrechter heeft op 1 mei 2025 de verzoeken van [verzoeker] afgewezen.

4.De procedure bij het hof

4.1.
[verzoeker] is het niet eens met de beslissing van de kantonrechter. Hij komt daarvan in hoger beroep. [verzoeker] wil dat het hof de beslissing van de kantonrechter ongedaan maakt en de bewindvoerder alsnog ontslaat.
4.2.
Op 24 november 2025 heeft de kantonrechter de mentor SOFIAD op eigen verzoek ontslagen en [naam] tot nieuwe mentor benoemd. [verzoeker] is tevreden met de nieuwe mentor en zijn beroep voor wat betreft ontslag van SOFIAD is niet meer aan de orde. [verzoeker] heeft dat deel van zijn beroep ingetrokken.
4.3.
De bewindvoerder wil dat de beslissing van de kantonrechter in stand blijft.
De informatie die het hof heeft ontvangen
4.4.
Het hof heeft de volgende stukken ontvangen:
  • het beroepschrift, ontvangen op 28 juli 2025;
  • een brief van de bewindvoerder van 5 september 2025;
  • een brief van SOFIAD Bewind B.V. van 19 december 2025;
  • een brief namens de rechthebbende van 18 februari 2026 waarbij het verzoek om ontslag van de mentor wordt ingetrokken.
4.5.
De zitting bij het hof was op 3 maart 2026. Aanwezig waren:
  • de advocaat van [verzoeker] ;
  • twee vertegenwoordigers namens de bewindvoerder.

5.Het oordeel van het hof

Wat in de wet staat
5.1.
Op grond van artikel 1:448 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) wordt een bewindvoerder ontslag verleend op eigen verzoek, of vanwege gewichtige redenen of omdat de bewindvoerder niet meer voldoet aan de eisen om bewindvoerder te kunnen worden, op verzoek van een medebewindvoerder of degene die gerechtigd is onderbewindstelling te verzoeken als bedoeld in artikel 432 lid 1 en Pro 2, of ambtshalve. In dit hoger beroep is de vraag aan de orde of er gewichtige redenen zijn om de bewindvoerder ontslag te verlenen.
Het standpunt van [verzoeker]
5.2.
[verzoeker] voert aan dat hij geen vertrouwen meer heeft in de bewindvoerder. Het is vaste rechtspraak dat besloten wordt tot opheffing van een beschermingsmaatregel
wanneer tussen een rechthebbende en bewindvoerder geen vertrouwen meer is. Zonder onderling vertrouwen en zonder communicatie is het vrijwel onmogelijk om samen te werken. Dit levert een gewichtige reden op voor ontslag van de bewindvoerder.
Het standpunt van de bewindvoerder
5.3.
De bewindvoerder voert aan dat zij sinds 2017 is betrokken bij [verzoeker] . De bewindvoering is altijd goed gegaan, tot de tweede helft van 2024. Het middelengebruik van [verzoeker] nam toen toe. Hij gebruikte naast medicinale wiet ook gewone wiet. Met de toename van het gebruik ging het mentaal ook slechter met [verzoeker] . Hij vertoont steeds meer signalen van psychoses. [verzoeker] veroorzaakt overlast in zijn woning, waardoor hij zijn woning moet verlaten. Een goede samenwerking is prettig, maar niet noodzakelijk. De beschermingsmaatregel is juist bedoeld voor mensen die hun vermogensrechtelijke belangen niet naar behoren kunnen behartigen.
Het oordeel van het hof
5.4.
Het hof is net als de kantonrechter van oordeel dat er geen gewichtige redenen zijn voor ontslag van de bewindvoerder. Het hof zal de beschikking van de kantonrechter daarom bekrachtigen.
5.5.
De Regt Bewind B.V. is ruim acht jaar als bewindvoerder betrokken bij [verzoeker] . De bewindvoering is tot de laatste maanden van 2024 goed verlopen. Sindsdien zegt [verzoeker] geen vertrouwen meer te hebben in de bewindvoerder. [verzoeker] heeft echter niet onderbouwd waardoor de vertrouwensbreuk zou zijn ontstaan. Hij heeft ook geen voorbeelden gegeven van situaties die ervoor hebben gezorgd dat zijn vertrouwen in de bewindvoerder is beschadigd. Het gebrek aan vertrouwen lijkt samen te hangen met de psychische gesteldheid van [verzoeker] . Wanneer hij zich goed voelt, verloopt de samenwerking met de bewindvoerder ook goed. In een periode dat hij zich minder goed voelt, ervaart hij de samenwerking met de bewindvoerder ook als minder goed. Die wisseling tussen vertrouwen en wantrouwen past binnen het ziektebeeld van [verzoeker] . Daar waar hij aanvoert een bewindvoerder te willen die affiniteit heeft met autisme, heeft de bewindvoerder onbetwist gesteld dat dit wel degelijk bij hen aanwezig is en dat [verzoeker] al heel lang dezelfde vaste contactpersoon heeft met wie hij over het algemeen goed in contact is. Daar komt nog bij dat [verzoeker] zelf geen opvolgend bewindvoerder heeft voorgedragen die aan zijn wensen voldoet omdat hij die, zoals ter zitting is verteld door zijn advocaat, niet heeft kunnen vinden.
5.6.
In hoger beroep heeft de advocaat namens [verzoeker] aangevoerd dat hij geen bezwaren heeft tegen de manier waarop de huidige bewindvoerder haar taken uitvoert. De bewindvoering verloopt goed, de financiële situatie is stabiel en [verzoeker] weet de bewindvoerder te bereiken als hij vragen heeft. De bewindvoerder heeft verteld dat er ook na de bestreden beschikking veel contact is geweest met [verzoeker] en dat er veel is ingezet om te proberen de huisuitzetting te voorkomen. Ook de contacten en samenwerking met de huidige mentor zijn goed.
5.7.
Het hof is dan ook van oordeel dat de bewindvoerder de belangen van [verzoeker] op de juiste wijze behartigt en daarmee haar taken naar behoren uitvoert. Er zijn geen gewichtige redenen die moeten leiden tot het ontslag van de bewindvoerder. Het hof zal het verzoek van [verzoeker] daarom afwijzen.

6.De beslissing

Het hof, beschikkende in hoger beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen:
bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 1 mei 2025;
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mrs. K.A.M. van Os - ten Have, S. Kuijpers, en
L.D.M. Rubens - Snijders, bijgestaan door mr. T.F. de Ruiter als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 17 maart 2026.