In hoger beroep heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis van de politierechter vernietigd en verdachte veroordeeld voor diefstal van een fatbike op 6 augustus 2025. De politierechter sprak verdachte vrij, maar het hof kwam tot een ander bewijswaardering op basis van camerabeelden, getuigenverklaringen en het feit dat verdachte in het bezit was van de gestolen fatbike bij zijn aanhouding.
Er was sprake van een vormverzuim bij de aanhouding van verdachte op 7 augustus 2025, omdat deze niet op heterdaad werd aangehouden en voorafgaande toestemming van de officier van justitie ontbrak. Het hof constateerde dit verzuim, maar vond dat verdachte hierdoor geen concreet nadeel had ondervonden en volstond met deze constatering.
Het hof achtte het bewezen dat verdachte de fatbike met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen. Gezien de recidive van verdachte en de ernst van het feit legde het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op van 27 dagen, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht.
Daarnaast gelastte het hof de teruggave van de inbeslaggenomen goederen aan verdachte. Verdachte verscheen niet ter zitting en maakte gebruik van zijn zwijgrecht. Het vonnis is gewezen door drie raadsheren en uitgesproken op 12 maart 2026.