ECLI:NL:GHARL:2026:1473

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
10 maart 2026
Publicatiedatum
10 maart 2026
Zaaknummer
200.355.681/01
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bewijs van contante betaling van facturen in hoger beroep bij verstek gedaagde

In deze civiele zaak in hoger beroep heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het vonnis van de kantonrechter vernietigd en de vorderingen van Abcsolar c.s. grotendeels toegewezen. De gedaagde/geïntimeerde was in hoger beroep verstek gebleven, waarna het hof bewijsopdracht gaf aan Abcsolar c.s. om contante betalingen van diverse facturen aan te tonen.

Twee getuigen werden gehoord die bevestigden dat betalingen contant plaatsvonden, vaak voorafgaand aan nieuwe opdrachten, en dat facturen soms pas achteraf werden verstrekt. De verklaringen van de getuigen ondersteunden het bewijs dat de facturen waarvoor betaling werd gevorderd, daadwerkelijk contant waren voldaan.

Het hof handhaafde de afwijzing van enkele kleinere facturen waarvoor geen bewijs was geleverd, maar veroordeelde Abcsolar c.s. hoofdelijk tot betaling van de overige facturen vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata. Tevens werden proceskosten aan beide partijen toegewezen, waarbij de kosten van het hoger beroep voor rekening van de geïntimeerde kwamen.

Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en bevat een veroordeling tot terugbetaling van onverschuldigde betalingen op grond van het vernietigde vonnis.

Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en veroordeelt Abcsolar c.s. tot betaling van de facturen met rente en proceskosten.

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Leeuwarden, afdeling civiel
zaaknummer gerechtshof 200.355.681/01
zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 11153607
arrest van 10 maart 2026
in de zaak van

1.Abc solar V.O.F., handelend onder de naam Abcsolar ,

die is gevestigd in Groningen
2. [appellant2],
die woont in [woonplaats1]

3. [appellant3] ,

die woont in [woonplaats2]
hierna samen:
Abcsolar c.s.
advocaat: mr. E.T. van Dalen uit Groningen
tegen
[geïntimeerde] , h.o.d.n. [naam1]
die woont in [woonplaats3]
hierna:
[geïntimeerde]
niet verschenen

1.Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep

1.1.
Na het tussenarrest van 23 september 2025 zijn op 19 februari 2026 twee getuigen gehoord. Daarna is opnieuw arrest gevraagd.

2.Het verdere oordeel van het hof

- Factuur 20230055 (€ 3.630)
2.1
Het hof handhaaft de beslissing dat de vordering tot een bedrag van € 3.630 toewijsbaar is en dat Abcsolar c.s. daarvoor hoofdelijk kunnen worden aangesproken. De wettelijke handelsrente zal worden toegewezen vanaf de in de facturen gestelde vervaltermijnen.
- Facturen 2022070148 (€ 123,42) en 2022070152 (€ 1.011,56)
2.2
Het hof handhaaft ook de beslissing dat de vordering tot bedragen van € 123,42 en € 1.011,56 zonder nadere bewijsvoering moet worden afgewezen.
- facturen 2022070093 (€ 1.222,10), 2022070128 (restant € 145,20), 2022070147 (€ 2.359,50), 2022070153 (€ 677,60), 2022070154 (€ l.301,38) en 20230056 (€ 1.694).
2.3
Ten aanzien van de overige facturen waarvan betaling wordt gevraagd, heeft het hof Abcsolar c.s. opgedragen te bewijzen dat al contante betalingen hebben plaatsgehad. Daartoe zijn twee getuigen gehoord. In de navolgende citaten zijn enkele onbetekenende correcties aangebracht. Meer specifiek is het woord ‘contact’ vervangen door ‘contant’.
2.4
Partijgetuige [appellant3] heeft het volgende verklaard.
Ik betaalde bijna altijd contant voor het plaatsen van de panelen, omdat zowel voor mij als voor [geïntimeerde] dit gunstig was. Ik ga ervan uit dat hij de mensen die voor hem werkten contant betaalde en dat hij zo geen btw hoefde te betalen.
De afspraken over het plaatsen van de panelen maakten wij altijd via de app. Wij spraken dan af hoeveel panelen hij zou plaatsen voor een bepaalde klant en hoeveel voor die panelen dan zou worden betaald.
We werkten dan altijd met paneelprijzen. Als het werk was opgeleverd, dan stuurde [geïntimeerde] daarvan foto’s in de app, zodat ik wist wat ik hem moest betalen en dat het opgeleverd was.
Bij alle facturen waar dit verhoor over gaat, hebben we afgesproken dat ik contant zou betalen. Hoewel ik mij per factuur niet kan herinneren wanneer ik die heb betaald, weet ik wel zeker dat het is gebeurd. In de praktijk was het namelijk zo dat hij niet een volgende opdracht wilde aannemen als hij voor de vorige niet al was betaald.
Het ging over het algemeen zo dat hij in de ochtend langskwam om spullen in te laden en dat wij hem dan betaalden voor de klus die was opgeleverd. Ik wist dan wat ik aan mijn klanten kon factureren, maar van hem had ik dan meestal nog geen factuur. Ik wist wel hoeveel hij van mij moest krijgen. In een paar gevallen heb ik wel een factuur van hem kunnen uitprinten, en is een paraaf gegeven voor de betaling. De facturen waar het nu om gaat, heb ik echter pas achteraf gekregen. Die had ik zoals gezegd echter al betaald. Dat ging steeds in goed vertrouwen.
Er is een specifieke factuur waarvan ik mij met zekerheid herinnering dat ik die wel heb betaald. Dat is de factuur van 19 november 2023 (nummer 20230056 ). Daarbij ging het namelijk om panelen die bij mijn oom zijn geplaatst. De betaling is zoals altijd gedaan op kantoor. Overigens betaalden we soms op zaterdag bij het hek wanneer het kantoor gesloten was.
De factuur van 19 november 2023 ( 20230055 ) heeft betrekking op honderd panelen. Het zou wel vreemd zijn wanneer [geïntimeerde] een jaar na die andere facturen deze grote hoeveelheid panelen zou hebben gelegd wanneer nog allerlei facturen van een jaar ervoor zouden openstaan. Ik hoop dat u van mij wilt aannemen dat dat erg onwaarschijnlijk is.
2.5
Getuige [naam2] heeft het volgende verklaard.
Ik heb indertijd mijn afstudeerproject bij ABC Solar gedaan. Daarna heb ik nog voor een ander bedrijf gewerkt en vervolgens ben ik als zzp’er voor mijzelf gaan werken als technisch adviseur. Mijn eerste opdracht was bij Abcsolar . Dat was in juli 2022. Uit die periode ken ik de heer [geïntimeerde] . Ik vond dat een beetje een aparte man. Het was de eerste installateur met wie ik in dertijd werkoverleg had, daarom staat dat nog op mijn netvlies.
Het ging bij [geïntimeerde] altijd moeizaam: het was regelmatig de vraag of hij wel kwam om spullen op te halen, en ook of hij dan wel naar een klant zou gaan. Ik werd daar regelmatig door klanten over gebeld.
Het is inderdaad zo dat in die tijd op tafel kwam dat hij eerst betaald wilde hebben voordat hij een klus zou uitvoeren. Ik vond dat wel merkwaardig. Ik ben een aantal keren – een stuk of 4 à 5 keer – aanwezig geweest bij die contante betalingen. Die werden gedaan bij de loods of op kantoor. Dat was in de beginperiode.
2.6
Naar het oordeel van het hof is hiermee het bewijs geleverd dat deze facturen inderdaad allemaal contant zijn voldaan. Dat betekent dat het bestreden vonnis moet worden vernietigd, en dat Abcsolar c.s. slechts hoofdelijk zullen worden veroordeeld tot betaling van de hiervoor besproken toewijsbare facturen, vermeerderd met wettelijke handelsrente vanaf de vervaltermijnen daarvan.
2.7
[geïntimeerde] zal als de in hoger beroep overwegend in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Onder die kosten vallen ook de nakosten die nodig zijn voor de betekening van de uitspraak. [1] De proceskostenveroordeling bij de kantonrechter blijft in stand, omdat in die procedure de vordering voor een deel terecht is toegewezen.

3.De beslissing

Het hof:
vernietigt het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Noord-Nederland, locatie Groningen van 7 januari 2025 en beslist als volgt;
veroordeelt Abcsolar c.s. hoofdelijk om aan [geïntimeerde] tot en met de dag van de algehele voldoening tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:
€ 3.630, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 26 november 2022;
€ 1.222,10, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 9 augustus 2022;
€ 145,20, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 21 augustus 2022;
€ 677,60, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 27 november 2022;
€ l.301,38, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 27 november 2022;
€ 1.694, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 26 november 2023;
€ 2.359,50, vermeerderd met de wettelijke handelsrente vanaf 2 november 2022;
veroordeelt Abcsolar c.s. hoofdelijk in de proceskosten bij de kantonrechter van € 1.973.56, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Abcsolar c.s. niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en dit arrest daarna wordt betekend;
veroordeelt [geïntimeerde] in de proceskosten van dit hoger beroep, te weten
€ 123,16 aan dagvaardingskosten
€ 2.255 aan procedurele kosten
€ 1.824 aan kosten van de advocaat (2 procespunten tarief I);
veroordeelt [geïntimeerde] tot terugbetaling van hetgeen Abcsolar c.s. hem op grond van het vernietigde vonnis onverschuldigd hebben betaald;
verklaart dit arrest ten aanzien van de uitgesproken veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af wat meer of anders is gevorderd.
Dit arrest is gewezen door mrs. M.W. Zandbergen, H. de Hek en M.A.M. Essed, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op
10 maart 2026.

Voetnoten

1.HR 10 juni 2022, ECLI: NL:HR:2022:853.