ECLI:NL:GHARL:2026:1240

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Datum uitspraak
3 maart 2026
Publicatiedatum
3 maart 2026
Zaaknummer
21-000197-20
Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 OpiumwetArt. 11 OpiumwetArt. 11b OpiumwetArt. 9 SrArt. 14a Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling medeplegen grootschalige hennepteelt, diefstal stroom en deelname criminele organisatie

Verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor medeplegen van grootschalige hennepteelt in een pand te [plaats 1], diefstal van 20.744 kWh stroom en deelname aan een criminele organisatie gericht op hennepteelt. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht.

Het bewijs bestond uit onder meer facturen, vrachtbrieven, verklaringen van getuigen, telefoonmastgegevens, en proces-verbalen van bevindingen. Verdachte speelde een essentiële rol als elektricien/installateur die de hennepkwekerij voorzag van illegale stroomvoorziening. De criminele organisatie was professioneel en goed georganiseerd, met meerdere betrokkenen en beveiligde panden.

De verdediging ontkende betrokkenheid en stelde dat anderen bestellingen op naam van verdachte plaatsten. Het hof verwierp dit en achtte de bewijzen overtuigend. De redelijke termijn was overschreden, waardoor het hof een lichtere straf oplegde: een taakstraf van 240 uur, subsidiair 120 dagen hechtenis, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijd van 2 jaar.

De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding wegens stroomdiefstal werd toegewezen tot €12.230,67 vermeerderd met wettelijke rente. Het hof legde een schadevergoedingsmaatregel op om betaling te bevorderen. Verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf, met aftrek van voorarrest.

De uitspraak benadrukt de maatschappelijke onaanvaardbaarheid van grootschalige hennepteelt en stroomdiefstal in georganiseerd verband en het belang van passende strafoplegging om herhaling te voorkomen.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot taakstraf, voorwaardelijke gevangenisstraf en schadevergoeding wegens medeplegen hennepteelt, diefstal stroom en deelname criminele organisatie.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer: 21-000197-20
Uitspraakdatum: 3 maart 2026
TEGENSPRAAK
Arrestvan de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelystad , van 31 december 2019 met parketnummer 16-700079-18 in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedag] 1970 in [geboorteplaats] ,
wonende te [adres 1]

Hoger beroep

Verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland.

Onderzoek van de zaak

Het hof heeft bij de beslissing betrokken wat op de zittingen van het hof van 20 januari 2026 en 3 maart 2026 en wat er op de zitting bij de rechtbank besproken is.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot:
  • veroordeling van verdachte van de onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten tot een gevangenisstraf van 10 maanden, met aftrek van het voorarrest;
  • toewijzing van de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] . voor het bedrag van € 12.230,67, vermeerderd met de wettelijke rente en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Deze vordering is na voorlezing aan het hof overhandigd.
Verder heeft het hof kennisgenomen van wat verdachte en zijn raadsman, mr. G.I. Roos, hebben aangevoerd.

Het vonnis

Bij het hierboven genoemde vonnis, waartegen het hoger beroep is gericht, heeft de rechtbank:
  • verdachte voor de onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, met aftrek van het voorarrest;
  • de benadeelde partij [benadeelde] . niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding;
  • het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Het hof legt aan verdachte een andere straf op. Het hof vernietigt daarom het vonnis en doet opnieuw recht.

Tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
1. primair
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;1. subsidiair
[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of een of meer onbekend gebleven personen in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] met elkaar, althans één van hen, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft/hebben gehad (in een pand aan de [adres 2] ) een hoeveelheid van (in totaal) ongeveer 5304 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven verdachte in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door een (grote) hoeveelheid materialen en/of goederen bestemd voor hennepteelt te bestellen en/of te leveren en/of de elektriciteit aan te leggen;2.
hij in of omstreeks de periode van 01 november 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 20.744 kWh elektriciteit, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen/geld onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking.
3.
hij in of omstreeks de periode van 01 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 2] en/of [plaats 1] en/of [plaats 3] , althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten (onder andere) [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] en/of een aantal tot nu toe nog onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 10 derde Pro, vierde, vijfde lid, 10a eerste lid, 11 derde, vijfde lid en/of 11a Opiumwet.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Bewijsoverwegingen feit 1 primair hennepteelt [adres 2] en feit 2 diefstal stroom
Standpunt van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat er voldoende wettig en overtuigend bewijs is voor een bewezenverklaring van de onder 1 primair en 2 tenlastegelegde feiten. In de bus van [medeverdachte 2] zijn veel documenten aangetroffen. Op meerdere pakbonnen, vrachtbrieven en facturen van aflevering van materiaal dat is bestemd voor hennepkwekerijen stond het bedrijf plus adres van verdachte of de naam van verdachte als contactpersoon genoteerd. De materialen die op de pakbonnen, vrachtbrieven en facturen stonden zijn in de hennepkwekerij aangetroffen. Verder zijn de verklaring van [getuige 1] , het OVC-gesprek tussen [medeverdachte 4] en [getuige 2] , de verklaring van [getuige 2] daarover redengevend. De mastgegevens van verdachte zijn telefoon weerleggen de verklaring van verdachte dat hij maar één keer in het pand op [adres 2] is geweest.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte van de onder 1 en 2 tenlastegelegde feiten dient te worden vrijgesproken. Verdachte ontkent betrokkenheid. Hij stelt eenmaal in het pand aan [adres 2] te zijn geweest om een cv-ketel aan te sluiten in december 2017.
Verdachte ontkent bestellingen te hebben gedaan die passen bij de facturen die in de bus van [medeverdachte 2] zijn aangetroffen, of daartoe opdracht te hebben gegeven. Verdachte stelt dat anderen onder zijn (bedrijfs)naam bestellingen hebben geplaatst. Uit de zendmastgegevens van verdachte zijn telefoon kan niet worden afgeleid dat verdachte vaker in de hennepkwekerij is geweest. Verdachte is wel vaker in de buurt geweest, omdat op het bedrijventerrein groothandels gevestigd zijn waar verdachte wel eens kwam. Verder heeft de raadsman bepleit dat het dossier geen aanknopingspunten bevat dat er sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking met anderen.
Oordeel van het hof
Ten aanzien van feit 1 primair (hennepteelt [adres 2] )
Uit de bewijsmiddelen leidt het hof af dat verdachte betrokken is geweest bij de exploitatie van de hennepkwekerij in [plaats 1] . In de eerste plaats door die hennepkwekerij te voorzien van elektriciteit achter de meter langs en verder door ten behoeve van die kwekerij diverse goederen te bestellen via zijn bedrijven [B.V. 1] en [B.V. 2]
Op de zitting van het hof heeft verdachte verklaard dat de facturen van de goederen die in de bus van [medeverdachte 2] zijn aangetroffen en die op zijn naam staan, geen betrekking hebben op goederen die door hemzelf zijn besteld. Volgens verdachte konden werknemers en anderen bij de bouwmarkt en groothandel spullen meenemen op naam van zijn bedrijf.
Net als de rechtbank acht het hof het door verdachte geschetste alternatieve scenario over de aangetroffen documenten niet geloofwaardig. De lezing van verdachte wordt weerlegd door de gebezigde bewijsmiddelen. Bij dat oordeel betrekt het hof dat de facturen van begin december 2017 niet alleen op verdachte zijn eigen naam of bedrijfsnaam zijn besteld, maar dat op een aantal facturen ook zijn huisadres is opgenomen. Het oordeel van het hof wordt verder gesterkt door de bon van [B.V. 3] over een hoeveelheid OSB waarop staat: ‘Van tevoren bellen met contactpersoon [verdachte] [telefoonnummer 1] ’. Bij deze factuur wordt expliciet aangegeven dat contact dient te worden opgenomen met verdachte en het bij hem in gebruik zijnde telefoonnummer, zonder dat daarbij wordt verwezen naar één van zijn bedrijven. Het hof ziet in die context in de mastgegevens ondersteuning voor het feit dat verdachte veelvuldig in de hennepkwekerij is geweest.
Het hof stelt op basis van de bewijsmiddelen vast dat verdachte de professionele en grootschalig ingerichte hennepkwekerij heeft voorzien van de elektrische installatie. Gezien de professionaliteit van de kwekerij en de grote hoeveelheid planten, was het voorzien van elektriciteit buiten de meter om van essentieel belang voor het functioneren van de hennepkwekerij. Zo was de kwekerij voorzien van een CO2 installatie die gebruik maakte van watergekoelde airconditioners. Omdat er geen warmte meer wordt uitgeblazen, wordt lokalisering met behulp van warmtebeeldapparatuur daardoor minder goed
mogelijk. Verdachte heeft met zijn aandeel als elektricien/installateur een beslissende en belangrijke rol gespeeld bij de exploitatie van deze hennepkwekerij. Het hof acht op basis van het vorenstaande wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich als medepleger schuldig heeft gemaakt aan het telen van hennep in [plaats 1] . Het komt tot een bewezenverklaring van het onder 1 primair tenlastegelegde. Daarbij gaat het hof uit van 1 december 2017 als startdatum, gelet op het aantreffen van de facturen en afleverbonnen van materiaal die waren bestemd voor hennepkwekerij.
Met betrekking tot feit 2 (diefstal stroom [adres 2] )
Het hof heeft hiervoor vastgesteld dat verdachte de elektriciteit heeft geïnstalleerd voor de grootschalige en professioneel ingerichte hennepkwekerij in [plaats 1] .
Het hof leidt uit het dossier en wat op de zitting is besproken over de betrokkenheid van verdachte bij de diefstal van elektriciteit bij de hennepkwekerij aan [adres 2] te [plaats 1] de volgende gang van zaken af.
Vast staat dat de elektriciteit voor de hennepkwekerij is verkregen door middel van diefstal met verbreking. Tevens kan op grond van de gebezigde bewijsmiddelen worden vastgesteld dat verdachte en zijn medeverdachten hebben deelgenomen aan een criminele organisatie met als oogmerk het telen van hennep, dat verdachte in die organisatie de persoon was die verantwoordelijk was voor het aansluiten van de elektriciteit voor die hennepteelt en dat verdachte ook als medepleger betrokken is geweest bij de hennepkwekerij aan [adres 2] te [plaats 1] . Het hof is van oordeel dat, gezien verdachte zijn essentiële rol bij de exploitatie van de zeer professioneel ingerichte hennepkwekerij van ruim 5.000 planten, zoals onder feit 1 primair door het hof is overwogen, en zijn rol binnen de criminele organisatie, het niet anders kan dan dat het verdachte is geweest die zich tezamen en in vereniging met anderen schuldig heeft gemaakt aan de diefstal van stroom ten behoeve van die hennepkwekerij aan [adres 2] .
De raadsman heeft aangevoerd dat de verklaringen van getuigen [getuige 2] en [getuige 1] onvoldoende specifiek zijn ten aanzien van verdachte. Het hof stelt vast dat de verklaring van [getuige 1] weliswaar van horen zeggen is, maar in onderling verband en samenhang bezien met de overige bewijsmiddelen als voldoende betrouwbaar moeten worden geacht om voor het bewijs te worden gebezigd. Ook de gebezigde verklaring van [getuige 2] acht het hof betrouwbaar, nu deze verklaring steun vindt in andere bewijsmiddelen in het dossier.
Bewijsmiddelen feiten 1 primair en 2 [1]
Het hof gebruikt de bewijsmiddelen die later in dit arrest zijn opgenomen ten aanzien van de criminele organisatie, ook als bewijsmiddelen voor feit 1 primair (hennepteelt [plaats 1] ) en feit 2 (diefstal stroom [plaats 1] ):
Algemene bewijsmiddelen hennepkwekerij [adres 2]
[verbalisant 1] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik reed op 13 maart 2018 via de [straat 1] voor het pand van [nummer] langs. Ik zag dat er camera’s op vrijwel alle hoeken van het pand hingen. Ik richtte de camera op de linker achterzijde van het bedrijfspand. Ik zag een warmtebron die vrijwel de gehele zijde besloeg. Hierna liep ik naar de rechter zijkant van het pand. Ook hier zag ik een soortgelijke warmtebron. Hij besloeg vrijwel de gehele rechterzijde van het pand. [2]
[verbalisant 2] heeft in zijn proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op het [adres 2] te [plaats 1] werd op 14 maart 2018 binnengetreden. [3] Het bleek dat op genoemd adres een hennepkwekerij met planten aanwezig was. De bedrijfsruimtes waren onderverdeeld in acht grote kweekruimtes, twee in aanmaak zijnde kweekruimtes, een hennepstek kweekruimte en een moederplant kweekruimte:
- kweekruimte 1: in totaal stonden er 280 hennepplanten;
- kweekruimte 2: in totaal stonden er 320 hennepplanten; [4]
- kweekruimte 3: in totaal stonden er 320 hennepplanten;
- kweekruimte 4: in totaal stonden er 320 hennepplanten; [5]
- kweekruimte 5: in totaal stonden er 417 hennepplanten;
- kweekruimte 6: in totaal stonden er 434 hennepplanten; [6]
- kweekruimte 7: in totaal stonden er 490 hennepplanten;
- kweekruimte 8: in totaal stonden er 441 hennepplanten. [7]
Ik stelde voor een representatieve bemonstering een aantal hennepplanten veilig. Deze monsters testten wij met gebruikmaking van de cannabistest. De test gaf een positieve reactie, indicatief voor hennep of THC. De stroomvoorziening ten behoeve van de hennepkwekerij werd illegaal afgenomen. [8]
[verbalisant 2] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
In ruimte 9, kweekruimte A zijn 2012 hennepstekjes aangetroffen. In deze ruimte stonden twee bloemenkarren met de stekjes. [9]
Namens [benadeelde] . heeft [naam 1] op 1 april 2018 aangifte gedaan van diefstal van stroom en heeft daarover het volgende opgesteld, zakelijk weergegeven:
De specialist zag dat rechtstreeks op de aansluitkabel/hoofdkabel een illegale elektriciteitsaansluiting was gemaakt. Hij zag dat deze aansluiting buiten de elektriciteitsmeter om liep naar de hennepplantage en deze voorzag van elektriciteit. Uit ervaring weet hij dat door een illegale aansluiting onder de zekeringhouders te maken, het mogelijk is meer vermogen af te nemen dan dat de contractueel overeengekomen en geïnstalleerde hoofdzekeringen zouden doorlaten. Hij weet dat daardoor schade en hinder werd veroorzaakt aan [benadeelde] ., omdat de juiste tarievenregeling niet juist kon worden toegepast. Voorts heeft hij vastgesteld dat het gelijktijdige af te nemen vermogen van de getransporteerde elektriciteit niet meer in overeenstemming was met de installatie. Door manipulatie werd de afgenomen elektriciteit ten behoeve van de hennepplantage niet via de elektriciteitsmeter geregistreerd. De fraudespecialist en [verbalisant 1] hebben aan de hand van indicatoren vastgesteld dat sprake is geweest van meerdere teelten. Uit het door [benadeelde] . ingestelde onderzoek is gebleken dat een hennepplantage was ingericht in het perceel in ieder geval in de periode van november 2017 tot 14 maart 2018. Dit betekent dat in deze periode vermoedelijk sprake is geweest van tenminste één eerdere teelt. De aangetroffen teelt was tenminste zes weken oud. Naar aanleiding van deze inventarisatie en het door [benadeelde] . ingestelde onderzoek, is door mij een berekening gemaakt waaruit blijkt dat er minimaal 20.744 kWh illegaal is afgenomen (weggenomen) ten behoeve van de hennepplantage. Het totaalbedrag dat de contractant hierdoor aan [benadeelde] . is verschuldigd, bedraagt € 4.116,06. [10]
Periode en verdachten hennepkwekerij [adres 2]
[getuige 3] heeft als getuige op 23 maart 2018 bij de politie als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik ben bedrijfsleider bij [B.V. 4] , gevestigd aan [adres 3] te [plaats 1] . Ons bedrijf zit recht tegenover het bedrijfspand waar jullie de hennepkwekerij hebben aangetroffen. Het is begonnen medio oktober/ november 2017. Rond die tijd kwam er een busje van een aannemersbedrijf uit [plaats 4] . De naam daarvan weet ik niet meer. Er zat reclame op dat busje en later ook op het raam van het bedrijfspand. Voor die tijd is het pand binnen en buiten schoongemaakt. Rond die tijd kwam er ook een vrachtwagen, een trekker oplegger. Ik weet niet meer van welk bedrijf. Deze ging het rechtse gedeelte van het pand binnen. De zeilen van de oplegger waren open en ik kon zien dat er met een heftruck houten platen, een soort underlayment, werden geladen. Vanaf december 2017 kwamen er meerdere busjes buiten die Transit om. Eigenlijk allemaal donkergekleurde busjes zonder reclame. In januari viel het mij op dat het pand volledig was geblindeerd. Je kon niet meer naar binnen kijken. [11] Dat Transit busje heb ik eigenlijk heel de periode vanaf oktober/ november 2017 tot aan de dag van het ontdekken van die hennepkwekerij daar regelmatig gezien. Deze stond er bijna altijd. [12]
[getuige 4] heeft als getuige op 29 maart 2018 bij de politie als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik ben werkzaam bij [B.V. 5] aan [adres 4] te [plaats 1] . Dit bedrijf ligt, vanaf de voorzijde gezien, links naast het bedrijfspand waar een hennepkwekerij is aangetroffen. In november 2017 is het bedrijfspand blijkbaar weer verhuurd. Rond die tijd zag ik weer bedrijvigheid bij het bedrijfspand. Ik zag daar vanaf dat moment regelmatig twee busjes met daarop de bedrijfsnaam [bedrijf 1] ’. [13] Ik zag dat er vanaf die tijd meerdere mensen in dat pand werkten. Na een korte tijd zag ik dat de ramen van het bedrijfspand aan de binnenzijde werden beplakt met folie, waardoor het niet meer mogelijk was om via de ramen naar binnen te kijken. Er zijn rond die tijd ook rondom het bedrijfspand aan de buitenzijde camera’s aangebracht door een blanke man. Kort na de verhuur van het bedrijfspand kwamen er ook vrachtauto’s met platen. Deze platen werden gelost met twee rode vorkheftrucks. Later zag ik dat er ook regelmatig iemand in een rode personenauto kwam. Vaak reed die auto naar de achterzijde van het bedrijfspand en ging daar blijkbaar naar binnen. [14]
Verbalisant [naam 10] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 18 januari 2018 werd [medeverdachte 2] aangetroffen in een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken 1] . [15] Op 23 januari 2018 heb ik onderzoek ingesteld naar het in beslag genomen voertuig. In het voertuig trof ik facturen in verschillende tassen aan [16] :
- Praxis d.d. 18 december 2017, [adres 5] :
Verschillende artikelen waaronder koord en een daarvoor bestemde koordkikker. Ambtshalve is bekend dat de betreffende goederen gebruikt kunnen worden bij inrichtingen van hennepkwekerijen. Dit om de hoogte van de lampen t.o.v. hennepplanten te verkleinen of vergroten;
- Solar d.d. 15 december 2017, Vrachtbrief:
[bedrijf 2] . Datum: 15 december 2017. Geleverd aan [B.V. 1] , [adres 2] te [plaats 1] [telefoonnummer 2]
- [plaats 5] [B.V. 11] :
[bedrijf 3] Ambtshalve is bekend dat dergelijke goederen gebruikt worden voor hennepkwekerijen om de groeitijd met twee weken in te korten tot een periode van 8 weken.
- Goedkope bouwmaterialen:
35 stuks vuren houten platen.
In het voertuig trof ik tevens verschillende stukken papier aan met daarop aantekeningen. Ik zag dat er bij deze aantekeningen een tekening was gemaakt van een vierkant met daarin verschillende ruimtes aangeduid met de letters en cijfers A1-A2 en B1-B2. Ik zag dat er tevens de volgende woorden bij werden vermeld: Ferro Wortel, Top viagra, Super Royal, PH +/- en Ferro Enzym. Uit onderzoek in open bronnen bleek dat het om plant versterkende middelen ging.
Ik zag dat er in het voertuig aantekeningen lagen met daarop verwijzingen naar de inrichting van een hennepkwekerij, waaronder de woorden: Fan (ventilator), Climat control, bord, kappen, lampen, travo, draad, vijver folie, koppelingen, vat en sproeiers.
Ik zag tevens een aantekening in het voertuig met daarop de Titel “Project 1”. Ik zag de volgende onderdelen: ‘project stek’, ‘belletering’, ‘stek hok’, ‘alarm’, ‘roldeur’, ‘camera’s’, ‘code systeem’, ‘kniphok’ [17] , ‘bali + computers’, ‘benodigdheden’, ‘huur komende drie maanden’, ‘35.000/40.000 euro per partij’, ‘partij 1 “wij”, partij 2 “hun”’, ‘opmerking: “ [naam 2] komt er nog bij, bord + aansluiting +/- 2000?’, ‘als we do of vrij datum krijgen we voor P3, ook zooi moeten bestellen en betalen’, ‘panden  +/- 25.000’, ‘hout + ijzer  +/- 6.000’ en ‘A.C.  +/- 40.000’. [18]
[verbalisant 4] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder meer een grote hoeveelheid documenten aangetroffen, die er op wezen dat [medeverdachte 2] goederen had gekocht, die gebruikt konden worden voor het binnen kweken van hennepplanten onder kunstlicht. [19]
Er was sprake van meerdere geschreven lijstjes met benodigde kweekmaterialen voor het bouwen en inrichten van een hennepkwekerij. Het kweekmateriaal wat op deze lijstjes staat vermeld, komt overeen met het kweekmateriaal aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan [adres 2] te [plaats 1] , zoals op het lijstje staat vermeld 368 kappen, lampen 600 Watt en trafo’s. Naast de in werking zijnde acht kweekruimten, waar in totaal 240 kappen, lampen en trafo’s waren opgehangen, werd in ruimte 1 nog 128 nieuwe lampen aangetroffen. 240 lampen 600 Watt gemonteerd + 128 lampen 600 Watt nieuw. Dit maakt 368, zoals vermeld op het lijstje. In ruimte 1 werd een grote hoeveelheid nog grotendeels verpakte goederen aangetroffen kennelijk ter uitbreiding van het aantal kweekruimten naast de inmiddels al in werking zijnde kweekruimten. Ook een groot aantal van de andere goederen reeds geïnstalleerd in de in werking zijnde kweekruimten en de goederen aangetroffen in ruimte stonden op het lijstje vermeld.
Een document met een tekening met een plattegrond van een kweekruimte met daarin de opstelling van de watergekoelde airconditioners en CO2, zoals gebruikt in de kweekruimten in de hennepkwekerijen in de bedrijfspanden op [adres 2] te [plaats 1] . [20]
[verbalisant 5] en [verbalisant 6] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd onderzoek verricht in en aan de in beslag genomen Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken 1] . Door meerdere politiemensen is vanaf 2 maart 2018 onderzoek verricht naar de papieren snippers. [21] Plattegrond [adres 2] te [plaats 1] : Bijlage 18 toont papieren snippers van een bouwtekening van een bedrijfspand aan [adres 2] te [plaats 1] . [22]
[verbalisant 4] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder andere diverse documenten aangetroffen. [23] Op een document staat een berekening van kosten voor “project 1” en “project stek”, in totaal € 80.000,-. Deze € 80.000,- wordt verdeeld over 2 partijen “wij” en “hun”. De kosten betreffen onder andere kosten voor een stekhok, stek en een kniphok. Verder staat vermeld bij Project 1 “+/- 12.000 % 2 [alias 1] = 6.000” en Project stek “+/- 40.000 % 3 [alias 1] [alias 2] = 13.500”. [24]
[verbalisant 4] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd. Zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder andere diverse documenten aangetroffen. [25] Bij onderzoek van genoemde documenten en de vanuit de papiersnippers leesbaar gemaakte documenten bleken een aantal van deze documenten, pakbonnen, vrachtbrieven, facturen betreffende de levering van materiaal kennelijk bestemd voor het bouwen van hennepkwekerijen en het kweken van hennepplanten in het bedrijfspand op [adres 2] te [plaats 1] . [26] Op verschillende documenten stond als afleveradres vermeld [B.V. 1] gevestigd [adres 2] te [plaats 1] . Als klantadres en factuuradres [B.V. 1] gevestigd [adres 6] te [plaats 3] . Als contactpersoon [verdachte] .
Bij een nader onderzoek van deze documenten bleek het volgende:
- Onder code Z24-019 en nummer 8023310527 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [B.V. 10] betreffende de levering van materiaal als CV buis, knelkoppelingen, beugels met als afleveradres [B.V. 1] , [adres 2] [plaats 1] , klantadres [B.V. 1] [adres 6] [plaats 3] , contactpersoon [verdachte] , [telefoonnummer 2] . De datum van de pakbon bleek 7 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 8 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder code Z24-003 en nummer 8023325574 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [B.V. 10] betreffende de nalevering van CV buis met als afleveradres [B.V. 1] , [adres 2] [plaats 1] , klantadres [B.V. 1] [adres 6] [plaats 3] , contactpersoon [verdachte] , [telefoonnummer 2] . De datum van de pakbon bleek 8 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 12 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder code Z24-002 en nummer 80233421662 werden een pakbon en een vrachtbrief aangetroffen van [B.V. 10] betreffende de nalevering van CV buis met als afleveradres [B.V. 1] , [adres 2] [plaats 1] , klantadres [B.V. 1] [adres 6] [plaats 3] , contactpersoon [verdachte] , [telefoonnummer 2] . De datum van de pakbon bleek 14 december 2017 en de datum van verzending van de goederen 15 december 2017. Dergelijk materiaal is gebruikt ten behoeve van het klimaatbeheersingssysteem in de kweekruimten van de hennepkwekerij.
- Onder ordernummer: VO29-0211696 werd een factuur aangetroffen van Bouwmaat [plaats 3] betreffende de levering van een hoeveelheid materiaal en gereedschap, factuuradres [B.V. 1] , [adres 6] [plaats 3] , onder werkomschrijving [adres 2] en onder handtekening [verdachte] . De op deze factuur genoemde goederen zijn nodig voor het bouwen en inrichten van de kweekruimten van de hennepkwekerij. [27] - Onder nummer 12-697026, referentie 464981-029 werd een verzenddocument aangetroffen van [B.V. 3] betreffende de levering van een hoeveelheid OSB. Onder omschrijving stond vermeld; “levering met kooiaap. Van tevoren bellen met contactpersoon [verdachte] [telefoonnummer 1] ”. OSB is houten constructieplaat. Dergelijke platen zijn gebruikt voor het bouwen van de kweekruimte in het bedrijfspand aan [adres 2] .
- Voorts werd onder factuurnummer 1020158 een factuur aangetroffen van [B.V. 7] betreffende de aanschaf van 4 C02 controllers van het merk Pro-Leaf en 4 C02 branders van het merk Pro-Leaf. Dergelijk materiaal wordt gebruikt bij het kweken van hennepplanten onder kunstlicht en werd ook aangetroffen in de hennepkwekerij op [adres 2] te [plaats 1] . Als factuuradres staat op deze factuur vermeld; “ [plaats 5] [B.V. 11] gevestigd [adres 7] [plaats 3] ”. Na informatie bij de Kamer van Koophandel blijkt op de [adres 7] [plaats 3] te zijn gevestigd; [B.V. 2] Enig aandeelhouder en bestuurder van [B.V. 2] is [B.V. 8] , gevestigd aan de [adres 6] te [plaats 3] . Enig aandeelhouder en bestuurder van [B.V. 8] is [verdachte] geboren op [geboortedag] 1970 te [geboorteplaats] , wonende [adres 6] [plaats 3] . [28]
[verbalisant 7] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik heb een aanvang gemaakt om van een aantal verscheurde documenten de papiersnippers aan elkaar te puzzelen, die afkomstig zijn uit de Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken 1] . Een van deze verscheurde documenten is op deze wijze weer samengevoegd tot leesbaar geheel. Dit document betreft een vrachtbrief van afzender [B.V. 9] geadresseerd aan Bouwmaat [plaats 3] , [adres 8] te [plaats 3] , afleveradres [adres 2] te [plaats 1] . [29]
[verbalisant 8] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit de historische verkeersgegevens van het [telefoonnummer 3] in de periode van 16 juni 2017 tot en met 16 januari 2018, in gebruik (geweest) bij [medeverdachte 2] , blijkt dat genoemd telefoonnummer op 26 oktober 2017 en 3 november 2017 een mast heeft aangestraald op de [straat 2] te [plaats 1] . Deze locatie is in de directe omgeving (ongeveer 800 meter) van [adres 2] te [plaats 1] . [30]
[verbalisant 1] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op het terrein van het pand aan [adres 2] zag ik op 13 maart 2018 een roodkleurige Opel staan met het [kenteken 2] Deze personenwagen stond op naam van [medeverdachte 3] . [31]
Verbalisant [verbalisant 9] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik heb onderzoek ingesteld in een onder [medeverdachte 3] in beslag genomen personenauto Opel Astra met [kenteken 3] . Bij het openen van de vijfde deur van deze auto zag en voelde ik dat dit gevulde (nieuwe) jerrycans waren met voedingsmiddel/groeimiddel van het merk Pro X. Dit waren dezelfde jerrycans als die werden aangetroffen bij de hennepkwekerij aan [adres 2] te [plaats 1] . Een van de papieren betrof een inrichtingsschema voor het inrichten van een hennepkwekerij en twee stroomschema’s. [32]
[medeverdachte 3] heeft op 15 maart 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik was aanwezig op [adres 2] te [plaats 1] . Ik was een watervat aan het vullen met water. Ik was daar om water te geven. [33] […] Ik maak zo een zak aarde open en doe dit in van die bakken. Vervolgens deed ik de plantjes er in. Ik heb gezien dat de andere ruimtes ook gevuld werden. [34]
[verbalisant 4] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit onderzoek van de uitgeleverde telefoongegevens blijkt dat het bij de [verdachte] in gebruik zijnde [telefoonnummer 4] in de periode 7 februari 2018 tot 5 maart 2018 op verschillende dagen en tijdstippen 44 keer een zendmast aan de [straat 3] te [plaats 1] heeft aangestraald en 43 keer een zendmast aan de [straat 4] te [plaats 1] . [35] De locaties van deze zendmasten zijn in de directe omgeving van het bedrijfspand aan [adres 2] te [plaats 1] . [36]
[medeverdachte 5] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik heb ook nog op een andere locatie geknipt. Ik ging dan achter in die bus en in dat pand werd ik er weer uitgelaten. Eigenlijk op dezelfde manier als in [plaats 2] . Ik zat ongeveer een half uurtje in die bus, dus [plaats 1] zou goed kunnen. Ik ben daar rond januari van dit jaar geweest. [37] Ik zag daar ook dezelfde vrouwen die ook in [plaats 2] hadden geknipt.
V: Ik laat je een aantal foto’s zien van de hennepkwekerij in [plaats 1] . Kun je hierop reageren?
A: Ik herken daar in een ruimte die houten trap naar boven. Ik moest via die trap naar boven en heb daar in een ruimte geknipt, daar waar die tafel stond. Ik zie op die foto’s met die schoenen ook mijn schoenen er tussen staan. [38]

Bewijsoverweging feit 3 deelname criminele organisatie

Standpunt van de advocaat-generaal
De verklaring van [getuige 1] dient als basis voor de vraag wie de deelnemers aan de criminele organisatie zijn geweest. Zijn verklaring komt op verschillende onderdelen overeen met informatie uit het dossier en hij spaart zichzelf niet. De verklaring van [getuige 1] moet daarom als betrouwbaar worden aangemerkt. Dat [getuige 1] niet kan verklaren over de periode van de tenlastelegging doet aan de waarde van zijn verklaring niet af. Het feit dat [getuige 1] gedetineerd is geraakt betekent immers niet dat de organisatie opgehouden is te bestaan.
De actuele betrokkenheid van verdachte bij de criminele organisatie komt naar voren uit het OVC-gesprek en zijn betrokkenheid bij de hennepkwekerij in [plaats 1] . Verdachte moet worden gezien als de persoon die de elektra en CO2-installatie bij de hennepkwekerijen heeft aangelegd. Die handelingen hebben bijgedragen aan het verwezenlijken van het oogmerk van de organisatie.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit van het onder 3 tenlastegelegde feit. Er kan niet worden gesproken van een criminele organisatie. De verklaring van [getuige 1] kan niet voor het bewijs worden gebruikt.
Oordeel van het hof
Uit de hiervoor ten aanzien van feit 1 en 2 gebruikte bewijsmiddelen leidt het hof af dat verdachte zich samen met medeverdachten schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van grootschalige hennepteelt in een pand aan de [adres 2] . Het hof bezigt die bewijsmiddelen ook voor het bewijs van de criminele organisatie. Daarnaast hecht het hof betekenis aan de verklaring van [getuige 1] en het OVC-gesprek tussen [getuige 2] en medeverdachte [medeverdachte 4] en de verklaring van [getuige 2] daarover.
Uit de verklaring van [getuige 1] leidt het hof af dat er al langere tijd sprake is geweest van een samenwerkingsverband tussen (onder meer) verdachte, [medeverdachte 4] , [medeverdachte 2] en andere betrokkenen gericht op grootschalige hennepteelt. [medeverdachte 2] kan worden aangemerkt als de ‘timmerman’ die verantwoordelijk was voor de opbouw en exploitatie van hennepkwekerijen. Medeverdachte [medeverdachte 4] kan worden aangemerkt als degene die de organisatie aanstuurde, aan wie verantwoording werd afgelegd en die, ook in detentie, instructies gaf. Verdachte deed de stroomvoorziening, ook achter de meter langs.
Hoewel de verklaring van [getuige 1] ziet op een periode die vooraf is gegaan aan de tenlastegelegde periode ten aanzien van de deelname aan een criminele organisatie vindt de verklaring voor wat betreft de aard van het samenwerkingsverband met een zekere duurzaamheid en structuur steun in het OVC-gesprek tussen medeverdachte [medeverdachte 4] en [getuige 2] en de verklaring van [getuige 2] daarover. Uit het OVC-gesprek in combinatie met de overige bewijsmiddelen met betrekking tot de aangetroffen hennepkwekerijen volgt dat (ook) in de tenlastegelegde periode sprake was van een dergelijk samenwerkingsverband gericht op grootschalige hennepteelt én dat naast (onder meer) verdachte, [medeverdachte 2] , [medeverdachte 4] , [medeverdachte 3] (“ [medeverdachte 3] ”) en [medeverdachte 1] daarbij betrokken waren. Dat [medeverdachte 4] en [getuige 2] met “ [verdachte] ” verdachte, [medeverdachte 2] ” [medeverdachte 2] , “ [medeverdachte 3] ” [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] hebben bedoeld leidt het hof onder meer af uit de overige bewijsmiddelen in het dossier waarin die namen terug komen en meer in het bijzonder de in het OVC-gesprek genoemde feitelijk juiste informatie over de voorlopige hechtenis van voormelde medeverdachten.
Ten aanzien van de betrokkenheid van medeverdachte [medeverdachte 4] bij het criminele samenwerkingsverband heeft het hof meer in het bijzonder nog acht geslagen op het in de Transporter van [medeverdachte 2] aangetroffen document dat in het opsporingsonderzoek ook is aangeduid als ‘tijdlijn’. Over die tijdlijn valt op p. 195 en 196 onder meer het volgende te lezen:
Eén van de aangetroffen documenten, lijkt een tijdlijn met als onderwerp "uitgaven". De tijdlijn bestaat uit 5 middels een horizontale lijn aan elkaar verbonden blokken met daarin een tijdsindicatie en daaraan verbonden ballonnen met tekst weergevende gebeurtenissen en uitgaven. In de blokken staat bij sep.2014 in de tekstballon “ [medeverdachte 4] weg” en bij jan .2017 “ [medeverdachte 4] terug”. Uit het detentieoverzicht van de verdachte [medeverdachte 4] blijkt dat de begindatum van zijn detentie 2 september 2014 is en dat hij vanaf januari 2017 in de halfopen inrichting [locatie] is geplaatst, waar hij dan vanaf dat moment geregeld met verlof kan. Deze gebeurtenissen passen in de tijdlijn.
Mede gezien overige inhoud van het dossier als geheel concludeert het hof hieruit dat met de aanduiding “ [medeverdachte 4] ” in de aangetroffen documenten wordt geduid op medeverdachte [medeverdachte 4] .
Tegen die achtergrond acht het hof relevant dat op een ander van de in deze verzameling in de Transporter aangetroffen documenten staat genoteerd:
8600 -> Bet. [medeverdachte 4]
10.000 -> Bet. [medeverdachte 4]
6400 -> tegoed [medeverdachte 4]
Het hof leidt hieruit af dat medeverdachte [medeverdachte 4] investeringen heeft gedaan en kennelijk ook aanspraak had op revenuen. Gelet op het hierboven al benoemde document met daarop getallen en de aanduiding “ [medeverdachte 4] ” in combinatie met de termen “”stek”, “stekhok” en “kniphok” gaat het hof ervan uit dat een en ander betrekking had op de teelt van hennep.
Op grond van de gebleken rolverdeling moet worden geconcludeerd dat sprake is geweest van een goed georganiseerd (professioneel), crimineel samenwerkingsverband dat overeenkomstig tevoren gemaakte plannen handelingen ten behoeve van de hennepteelt heeft uitgevoerd. Naar het oordeel van het hof is daarmee sprake van een criminele organisatie als bedoeld in artikel 11b van de Opiumwet.
Het hof leidt uit voormelde feiten en omstandigheden af dat verdachte tot de organisatie behoorde en dat hij handelingen heeft verricht die hebben bijgedragen aan het doel van de organisatie.
Bewijsmiddelen van het feit 3
Het hof gebruikt de bewijsmiddelen die zijn opgenomen voor feit 1 primair (hennepteelt [plaats 1] ) en feit 2 (diefstal stroom [plaats 1] ) ook als bewijsmiddelen voor de criminele organisatie.
Aanvullende bewijsmiddelen criminele organisatie
[getuige 1] heeft op 12 januari 2018 als getuige bij de politie verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik werkte voor een autoverhuur bedrijf waar [medeverdachte 2] [het hof begrijpt: [medeverdachte 2] ], [medeverdachte 4] en [naam 3] klant waren. [39] Ik wist dat zij in de grootschalige wietteelt zaten en ze kwamen bij mij bussen huren om daarvoor te gebruiken. [medeverdachte 4] , [naam 3] en [medeverdachte 2] werkten al jaren samen in de wietteelt. [40] Hij had geen werk, hij zat alleen in de wietteelt. Hij was degene die de hokken altijd bouwde, samen met [medeverdachte 4] want [naam 3] had twee linker handen. [41] Het was heel grootschalig, daar hadden ze echt een dagtaak aan. [medeverdachte 4] stond aan het hoofd van de organisatie van hun drieën. Ze stonden verder met z’n drieën aan het hoofd, want daaronder hadden ze natuurlijk nog wel andere mensen werken zoals knippers en zo. [medeverdachte 4] was wel degene die bepaalde, zelfs toen hij vast zat. [naam 3] stond direct onder [medeverdachte 4] . Hij ging iedere week naar de gevangenis. [medeverdachte 2] stond daar weer net onder, hij ging ongeveer één keer per maand naar [medeverdachte 4] om bij te praten. [medeverdachte 2] zorgde voor de uitvoering, de inkoop et cetera en [naam 3] kreeg de opdrachten van [medeverdachte 4] en zette die door naar [medeverdachte 2] . [getuige 2] en [medeverdachte 4] zijn heel close en [getuige 2] regelde ook wel veel voor [medeverdachte 4] . [verdachte] deed de stroomvoorziening voor die (hennep)panden, ook achter de meter langs zeg maar. [42]
[verbalisant 10] heeft in haar proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit onderzoeksinformatie is gebleken dat op 7 mei 2018 [medeverdachte 4] bezoek zou ontvangen van [getuige 2] (
het hof begrijpt: [getuige 2] )in de PI in [plaats 1] . Hierop is door het onderzoeksteam OVC ingezet. [43]
[getuige 2] : “Ik heb een hoop te vertellen. [medeverdachte 1] is 30 dagen weg.
[medeverdachte 4] : “30 dagen.
[getuige 2] : “En [verdachte] heb 14 dagen
[medeverdachte 4] : Onze [verdachte] ? Waarom?
[getuige 2] : “Ik denk dat euh..
[medeverdachte 4] : “Heeft [medeverdachte 1] wat gezegd of niet?
[getuige 2] : Ik denk dat een paar bonnen naar boven zijn gekomen (..) [44] [medeverdachte 4] : “Maar het verhaal dus met [medeverdachte 1] dat hij is opgehaald en hij heb nu na z’n 14 dagen, heeft hij 30 dagen erbij gekregen.”
[getuige 2] : “Ja. Ja. Die pakken ze allemaal straks in dezelfde regie zitting. [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 1] , [verdachte] denk ik.”
[medeverdachte 4] : “Want [verdachte] zit ook vast?”
[getuige 2] : “Ja, twee weken.”
[medeverdachte 4] : “Vind ik erg.”
[getuige 2] : “Ja vind ik ook erg. Maar jouw naam komt nergens voor.
[medeverdachte 4] : “Nee dat hoop ik dat ze hun bek houden. Houdt ook [medeverdachte 1] z’n mond?”
[getuige 2] : “Ik weet het niet.”
[medeverdachte 4] : “Maar euh… [medeverdachte 3] heeft niets gezegd?”
[getuige 2] : “Nee. Ik heb zijn verklaring gelezen. Ik heb die inbeslaglijst gezien. Er staat van alles op en weet je wat ik nou mis? Al het gereedschap.”
[medeverdachte 4] : “Al het gereedschap.”
[getuige 2] : “Al het gereedschap. Dat staat er niet op.”
[medeverdachte 4] : “Nee, maar die pakken ze. Daar letten ze wel op.”
[getuige 2] : “Wie de politie?
[medeverdachte 4] : “Nee die gasten die…”
[getuige 2] : “O die schrijven niks op?”
[medeverdachte 4] : “Nee die jongens die de boel opruimen, die pakken het. Dat is zo vaak weg.”
[getuige 2] : “Oke. Naja dat is in ieder geval klaar.”
[medeverdachte 4] : “Het is te hopen dat… ntv…”
[getuige 2] : “Ja dat hoop ik ook en [verdachte] heh.”
[medeverdachte 4] : “Ik heb jongen, ik heb tegen ze gezegd als dit fout gaat is dit natuurlijk een gigantische … ntv…”
[getuige 2] : “ntv… Ik heb bij mij ook alles weggeflikkert, want ik zit er op te wachten dat ze voor de deur staan.”
[medeverdachte 4] : Hoe gaat het bedrijf nu door dan? [45] [getuige 2] : Ik weet het niet.
[medeverdachte 4] : Dat hok die, die jongens hadden, [medeverdachte 1] ..ntv.. die binnen komt, [medeverdachte 2] die binnen komt ..ntv.. en dat zullen ze waarschijnlijk
[getuige 2] : We stinken allemaal. [46]
[getuige 2] : “Nou die makelaar die heb hem genaaid. Die heb gewoon gezegd, hij heb mij betaald. En euh en [medeverdachte 2] heb het helemaal verkut want in zijn bus lagen allemaal bonnen. En daar is het begonnen.”
[…]
[medeverdachte 4] : “Ik vind het erg voor [verdachte] .”
[getuige 2] : “Ik vind het ook kut voor die jongen. Ik vind het een pleurisleijer, maar ik vind het wel erg. Ach hij moet niet zeiken, hij heb er altijd aan verdiend, kom op. In het verleden had hij ook…ntv… hij doet het voor iedereen hoor. Hij sluit voor iedereen die teringzooi aan. Maar je moet uit die zooi [medeverdachte 4] , je moet wat anders gaan doen.”
[medeverdachte 4] : “hm?”
[getuige 2] : “Je moet uit deze teringzooi. Je moet wat anders gaan doen. Veel beter.”
[medeverdachte 4] : “Ja of alleen zelf doen.”
[getuige 2] : “Ja of alleen. Maar niet…” [47]
[medeverdachte 4] : He maar nogmaals, met die [naam 4] volgas er op.
[getuige 2] : Ja zal ik zeggen. Ik spreek hem straks.
[medeverdachte 4] : Volgas. Bedreigen alles er op en er aan. [48]
[getuige 2] : Ja joh, iedereen is zenuwachtig [medeverdachte 4] . Iedereen is zenuwachtig. En voor [verdachte] vind ik het ook kut hoor.
[medeverdachte 4] : Vind ik ook. Je moet even naar [naam 5] toe gaan, dat het bedrijf wel door gaat (?)
[getuige 2] : Waar woont hij ook alweer? [adres 6] heh?
[medeverdachte 4] : Ja. [49] [getuige 2] : Nou dat kleine hokkie van jou hebben we afscheid van genomen hoor.
[medeverdachte 4] : Oke is ..ntv .. ons
[getuige 2] : Nee ik vind het voor [verdachte] wel kut dus ik zal vanmiddag wel even ..
[medeverdachte 4] : Ja is ook kut. Zeg ook tegen [naam 5] dat ze haar bek dicht houd
[getuige 2] : Ja gaan we doen. [50]
[getuige 2] heeft op 14 december 2018 als getuige bij de politie verklaard, zakelijk weergegeven:
V: In het gesprek gaat het over [verdachte] (
het hof begrijpt: [verdachte]), dat u het een pleurislijer vindt, dat hij niet moet zeuren en dat hij er altijd aan heeft verdiend, dat hij voor iedereen die teringzooi aansluit. Wat kunt u hierover zeggen?
A: Dat gaat over die aansluitingen in hennepkwekerijen die hij altijd heeft gedaan.
V: U zegt in het gesprek dat [medeverdachte 4] wat anders moet gaan doen. Wat bedoelt u hiermee?
A: Dat hij gewoon iets anders moet gaan doen en niet meer bezig moet zijn met die wiet. [51]
Bijkomende bewijsmiddelen criminele organisatie
Het hof gebruikt tot slot voor het bewijs van de criminele organisatie en de rol en betrokkenheid daarbij van de in de bewezenverklaring genoemde medeverdachten eveneens bewijsmiddelen die zien op de professionele hennepteelt op de locatie [adres 9] te [plaats 2] .
Algemene bewijsmiddelen hennepkwekerij [adres 9] te [plaats 2]
[verbalisant 11] en [verbalisant 12] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 8 februari 2018 hebben wij (
het hof: aan het pand aan de [adres 9] in [plaats 2]) onderzoek ingesteld. Wij zagen dat het pand er verlaten bij lag. Wij zagen dat dit pand beveiligd was met camera’s. Wij zagen dat er in het pand een ruimte was gemaakt. Wij zagen dat deze ruimte was gemaakt met zogenoemde isolatieplaten. Wij zagen dat er een zeecontainer tegen de rechter achterzijde stond. Wij zagen dat er in het midden van de muur een grote roldeur zat. Middels een warmtebeeld camera is de achterzijde van het pand bekeken. Vastgesteld is dat de zeecontainer en de roldeur warm waren. [52]
[verbalisant 11] heeft in zijn proces-verbaal aantreffen hennepkwekerij onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
In het pand aan de [adres 9] te [plaats 2] werd op 9 februari 2018 binnengetreden. Het bleek dat op genoemd adres een hennepkwekerij met planten aanwezig was. In de loods was een ruimte gemaakt van isolatieplaten. In deze ruimte werden vijf kweekruimtes aangetroffen: [53]
- kweekruimte 1: in totaal stonden er 374 hennepplanten;
- kweekruimte 2: in totaal stonden er 375 hennepplanten; [54]
- kweekruimte 3: in totaal stonden er 397 hennepplanten;
- kweekruimte 4: in totaal stonden er 385 hennepplanten; [55]
- kweekruimte 5: in totaal stonden er 362 hennepplanten. [56]
De stroomvoorziening ten behoeve van de hennepkwekerij werd illegaal afgenomen. Het bleek dat de illegale aftakking achter de meterkast zat. In de ruimte om de hennepkwekerij heen werd [medeverdachte 6] aangetroffen. Hij verklaarde daar aanwezig te zijn ter beveiliging van de hennepplanten. [57]
Namens [benadeelde] . heeft [naam 6] op 22 maart 2018 aangifte gedaan van diefstal van stroom en heeft daarover het volgende opgesteld, zakelijk weergegeven:
De fraudespecialist zag dat de zegels van de hoofdaansluiting waren verbroken. Na het verwijderen van het deksel van de aansluitkast, zag hij dat aan de onderzijde van de zekeringhouders een illegale elektriciteitsaansluiting was gemaakt. Hij zag dat deze aansluiting buiten de elektriciteitsmeter om liep naar de hennepplantage en deze voorzag van elektriciteit. Uit ervaring weet hij dat door een illegale aansluiting onder de zekeringhouders te maken, het mogelijk is meer vermogen af te nemen dan dat de contractueel overeengekomen 3 x 25 ampère en geïnstalleerde hoofdzekeringen zouden doorlaten. Hij weet dat daardoor schade en hinder werd veroorzaakt aan [benadeelde] ., omdat de juiste tarievenregeling niet juist kon worden toegepast. Voorts heeft hij vastgesteld dat het gelijktijdige af te nemen vermogen van de getransporteerde elektriciteit niet meer in overeenstemming was met de installatie. Door manipulatie werd de afgenomen elektriciteit ten behoeve van de hennepplantage niet via de elektriciteitsmeter geregistreerd. De fraudespecialist en [verbalisant 12] hebben aan de hand van indicatoren vastgesteld dat sprake is geweest van meerdere teelten. Uit het door [benadeelde] . ingestelde onderzoek is gebleken dat een hennepplantage was ingericht in het perceel in ieder geval in de periode van 27 september 2017 tot 9 februari 2018. Dit betekent dat in deze periode vermoedelijk sprake is geweest van tenminste één eerdere teelt. De aangetroffen teelt was tenminste negen weken oud. Naar aanleiding van deze inventarisatie en het door [benadeelde] . ingestelde onderzoek, is door mij een berekening gemaakt waaruit blijkt dat er minimaal 142.820 kWh illegaal is afgenomen (weggenomen) ten behoeve van de hennepplantage. Het totaalbedrag dat de contractant hierdoor aan [benadeelde] . is verschuldigd, bedraagt
€ 11.044,57. [58]
Verbalisant [verbalisant 12] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 9 februari 2018 vond het onderzoek plaats aan een hoeveelheid plantendelen afkomstig uit de afzonderlijke kweekruimtes van een in werking zijnde hennepkwekerij op de [adres 9] te [plaats 2] . (…) Ik zag dat de tests een duidelijke positieve kleurreactie gaven, indicatief voor THC, zijnde de werkzame stof in hennep en hasjiesj. [59]
[verbalisant 11] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Ik zag dat de ruimte voor de kwekerij aan de [adres 9] te [plaats 2] werd gebruikt als afvalplek. Ik zag daar een grote hoeveelheid vuilniszakken liggen. Ten behoeve van het onderzoek heb ik de vuilniszakken in beslag genomen. Ik heb vier zakken geopend. Ik zag dat in elke zak afgeknipte hennepplanten zaten. Ik heb vervolgens van alle vier de zakken de hoeveelheid planten geteld. Ik heb geteld dat er in deze vier zakken 57 planten zaten. Vervolgens heb ik alle zakken geteld. Ik telde dat er in totaal 187 zakken lagen. Ik voelde tijdens het tellen dat de zakken vermoedelijk allemaal dezelfde inhoud bevatten vanwege het gewicht en vanwege de structuur van de potgrond wat ik voelde. Hierop heb ik uitgerekend dat er vermoedelijk in totaal 10.659 stekken waren verpakt in de vuilniszakken. [60]
Medeverdachte [medeverdachte 6] heeft op 9 februari 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik moest daar letten op de marihuana. In de loods had ik een plek waar ik sliep. [61] Het wapen is van de eigenaar van het pand. Ik moest voorkomen dat er mensen zouden komen die er niets te zoeken hadden. Ik ben een soort van bewaker. Ik heb het vuurwapen zien liggen. [62]
Periode en verdachten hennepkwekerij [adres 9] te [plaats 2]
[getuige 5] is op 11 juli 2019 als getuige gehoord door de rechter-commissaris en heeft als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
In de zomer van 2017 was er weer activiteit in het pand aan de [adres 9] . Ik heb activiteiten gehoord. Als ik daar was, ook doordeweeks, dan hoorde ik dat er werd gebouwd. Ik hoorde bijvoorbeeld schroefboormachines. Ik hoorde dat er dingen in elkaar werden gezet. In het begin was het bouwgeluid heel frequent. Ik heb er twee mensen gezien. Die heb ik ook gesproken. Een wat jongere man met behoorlijk wat tatoeages en een wat oudere man die was wat gezetter. [63]
Op een gegeven moment werd er een container achter het hek geplaatst. Vervolgens werden de ruiten geblindeerd, gematteerd eigenlijk, zodat je niet meer naar binnen kon kijken. Aan de zijkant van het gebouw werden ook containers geplaatst zodat je niet meer naar binnen kon kijken. De beglazing werd bestickerd met een doek van een schoonmaakbedrijf en het hek werd geblindeerd met een soort spandoek.
In het begin zag ik een grijze Volkswagen Transporter met een dubbele cabine met geblindeerde ruiten achterin. De jongen die ik als eerste aanduidde reed daar in. In het begin zag ik dat busje daar vrij vaak, toen ze nog aan het klussen waren en later eigenlijk niet meer. [64]
Verbalisanten [verbalisant 13] en [verbalisant 14] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Wij waren ter plaatste aan de [adres 10] te [plaats 2] . Op dit adres zit [jachtwerf] gevestigd. Wij stelden [naam 7] de vraag of hij in de afgelopen tijd opvallende dingen had gezien in of rondom het bedrijfspand aan de [adres 9] . Wij hoorden [naam 7] zeggen dat er in juli 2017 een man bij hem aan de deur had gestaan. [naam 7] vertelde dat deze man in een donkerkleurig voertuig reed. De man zou aan [naam 7] hebben verteld dat hij van een schoonmaakbedrijf in [plaats 5] was en dat hij dit door wilde zetten in de polder. De loods aan de [adres 9] zou het magazijn hiervoor worden. [naam 7] had de man later niet meer gezien.
Op 27 juli 2017 heeft [naam 7] twee voertuigen bij de loods gezien. [naam 7] vertelde ons dat hij dit verdacht vond omdat rond die tijd panelen werden gebracht. Het hek van het pand zou dan geopend worden en dan reden de bussen het terrein op en werd het hek meteen gesloten. [naam 7] kon ons deze twee kentekens overhandigen: [kenteken 1] , donker grijs van kleur en [kenteken 4] , donker grijs van kleur. [naam 7] vertelde ons dat hij, nadat deze panelen zijn gebracht er een tussenwand is geplaatst in de loods. Deze tussenwand was te zien vanaf het terrein van [naam 7] . Niet veel later werden ook de ramen geblindeerd van het pand. Op 28 juli 2017 is het slot vervangen. [65] [naam 7] vertelde ons dat hij de bestuurders van beide bussen wel eens heeft gezien: persoon 1: gezet en blanke huidskleur en persoon 2: mager en blanke huidskleur. [naam 7] vertelde dat een van deze mannen tatoeages op zijn armen had. [66]
Verbalisant [naam 10] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit het buurtonderzoek komt het kenteken [kenteken 4] naar voren (er mist een cijfer). Het is mij bekend dat [medeverdachte 2] een contact is van [medeverdachte 1] . Uit onderzoek bij de Rijksdienst voor het wegverkeer zag ik dat [medeverdachte 1] een voertuig op naam had staan met het kenteken
[kenteken 5] . Ik zag dat de volgende gegevens van het kenteken bekend waren: Renault Trafic, bedrijfsauto. [67]
[verbalisant 11] en [verbalisant 12] hebben in hun proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
De verdachte [medeverdachte 7] gaf in zijn verhoor aan contact te hebben gehad met dhr. [naam 8] (het hof begrijpt: [naam 8] ) van [bedrijf 4] uit [plaats 5] . Hierop heb ik gekeken in een eerder verkregen uitdraai van de kamer van koophandel met betrekking tot [bedrijf 4] en ik zag dat de eigenaar van dat bedrijf [naam 8] betreft. Tevens gaf [medeverdachte 7] aan een persoon tijdens een transactie van de huur gezien te hebben. Hij verklaarde dat de man een tatoeage in zijn hals had en een breed postuur had en blank van huidskleur was. Hierop dachten wij, verbalisanten [verbalisant 12] en [verbalisant 11] aan de persoon [medeverdachte 2] . Deze betreffende [medeverdachte 2] is de aanleiding van het aantreffen van de hennepkwekerij. [68]
Medeverdachte [medeverdachte 7] heeft op 15 februari 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Begin augustus hebben [naam 8] en [naam 9] telefonisch contact met mij opgenomen om te kijken naar het pand. Ze hebben toen het pand bekeken. [69] Eind juli zou kunnen. Ze zijn twee keer geweest en toen hebben we getekend, wanneer dat dan precies was weet ik niet zo goed. In november kreeg ik contact met [medeverdachte 1] . Die kwam met de melding dat die [naam 9] uit de picture was en er zou ook wat met die [naam 8] zijn, dus ze wilde het huurcontract gaan veranderen want er kwam een ander persoon op het contract te staan. [medeverdachte 1] heeft toen contant bij mij betaald. [medeverdachte 1] heeft een breder postuur dan die van [naam 9] , 1.85 meter lang, blank, blond kort haar, geen piercings of opgevallen tattoos. [70] Tijdens de ontmoeting was er nog iemand bij. Deze persoon was een stevig zwaarlijvige man, ongeveer 30 jaar oud, bruin haar, blank, zichtbare tattoo in de hals. 3 november kreeg ik een sms of we dinsdag konden afspreken in de loods in verband met het contract. Ik heb die dinsdag de huur gekregen. [71]
Verbalisant [naam 10] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 18 januari 2018 werd [medeverdachte 2] aangetroffen in een Volkswagen Transporter met kenteken [kenteken 1] . [72] Op 23 januari 2018 heb ik onderzoek ingesteld naar het in beslag genomen voertuig. In het voertuig trof ik facturen in verschillende tassen aan [73] :
- Praxis d.d. 18 december 2017, [adres 5] :
Verschillende artikelen waaronder koord en een daarvoor bestemde koordkikker. Ambtshalve is bekend dat de betreffende goederen gebruikt kunnen worden bij inrichtingen van hennepkwekerijen. Dit om de hoogte van de lampen t.o.v. hennepplanten te verkleinen of vergroten;
- [plaats 5] [B.V. 11] :
[bedrijf 3] Ambtshalve is bekend dat dergelijke goederen gebruikt worden voor hennepkwekerijen om de groeitijd met twee weken in te korten tot een periode van 8 weken.
- [bedrijf 5] d.d. 27 juli 2017, [plaats 6] :
Twaalf pakketten sandwichpanelen. Afleveradres: [adres 10] te [plaats 2] . Datum: 27 juli 2017;
- Goedkope bouwmaterialen:
35 stuks vuren houten platen. [74]
In het voertuig trof ik tevens verschillende stukken papier aan met daarop aantekeningen. Ik zag dat er bij deze aantekeningen een tekening was gemaakt van een vierkant met daarin verschillende ruimtes aangeduid met de letters en cijfers A1-A2 en B1-B2. Ik zag dat er tevens de volgende woorden bij werden vermeld: Ferro Wortel, Top viagra, Super Royal, PH +/- en Ferro Enzym. Uit onderzoek in open bronnen bleek dat het op plant versterkende middelen ging.
Ik zag dat er in het voertuig aantekeningen lagen met daarop verwijzingen naar de inrichting van een hennepkwekerij, waaronder de woorden: Fan (ventilator), Climat control, bord, kappen, lampen, trafo, draad, vijver folie, koppelingen, vat en sproeiers.
Ik zag tevens een aantekening in het voertuig met daarop de Titel “Project 1”. Ik zag dat dit project bestond uit de volgende onderdelen: ‘project stek’, ‘belletering’, ‘stek hok’, ‘alarm’, ‘roldeur’, ‘camera’s’, ‘code systeem’, ‘kniphok’ [75] , ‘bali + computers’, ‘benodigdheden’, ‘huur komende drie maanden’, ‘35.000/40.000 euro per partij’, ‘partij 1 “wij”, partij 2 “hun”’, ‘opmerking: “ [naam 2] komt er nog bij, bord + aansluiting +/- 2000?’, ‘als we do of vrij datum krijgen we voor P3, ook zooi moeten bestellen en betalen’, ‘panden  +/- 25.000’, ‘hout + ijzer  +/- 6.000’ en ‘A.C.  +/- 40.000’. [76]
Een schriftelijk bescheid, gevoegd als Bijlage 11 aan het proces-verbaal van bevindingen van [naam 10] van 24 januari 2018:
In de bus van medeverdachte [medeverdachte 2] is een handgeschreven aantekening aangetroffen die ziet op project 1 en waarbij is vermeld: “Project 1 +/- 12.000 % 2 [alias 1] = +/- 6.000”. [77]
[verbalisant 4] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Op 23 januari 2018 werd de Volkswagen Transporter onderzocht en werden onder meer een grote hoeveelheid documenten aangetroffen, die er op wezen dat [medeverdachte 2] goederen had gekocht, die gebruikt konden worden voor het binnen kweken van hennepplanten onder kunstlicht. [78]
Er was sprake van meerdere geschreven lijstjes met benodigde kweekmaterialen voor het bouwen en inrichten van een hennepkwekerij. Het kweekmateriaal wat op deze lijstjes staat vermeld, komt overeen met het kweekmateriaal aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan de [adres 9] te [plaats 2] , zoals 152 kappen, 144 lampen van 600 Watt en acht lampen van 400 Watt, 144 trafo’s van 600 Watt en acht trafo’s van 400 Watt, boxventilatoren, koolstoffilters, watervaten, vatverwarmers, circulatiepompen, climatcontrolers, wasmachinebakken, PH + EC meter, etc.
Een lijstje met aantekeningen en data betreffende het oogsten, knippen en het zetten van stekken in hok 1 t/m 4, zoals aangetroffen in de hennepkwekerij in het bedrijfspand aan de [adres 9] te [plaats 2] .
Een document met een tekening met een plattegrond van een kweekruimte met daarin de opstelling van de watergekoelde airconditioners en CO2, zoals gebruikt in de kweekruimten in de hennepkwekerijen in de bedrijfspanden op de [adres 9] te [plaats 2] .
Een memo met daarop geschreven het adres van een [website] ’, het schoonmaakbedrijf van verdachte [naam 8] , de huurder van het bedrijfspand aan de [adres 9] te [plaats 2] . [79]
Verbalisant [verbalisant 15] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Tijdens het onderzoek in de Volkswagen Transporter zijn meerdere goederen aangetroffen, waaronder een mobiele telefoon van het merk Alcatel type One Touch. [80] Ik zag dat onder andere de volgende namen en telefoonnummers onder het tablad ‘Contacts’ stonden opgeslagen: ‘knip’, ‘ [medeverdachte 3] ’, ‘ [getuige 2] ’, ‘ [medeverdachte 7] ’, ‘ [medeverdachte 1] ’ en ‘stroom’. [81]
Ik zag dat onder andere de onderstaande sms-berichten tussen de gebruiker van de genoemde Alcatel telefoon en de gebruikster van het telefoonnummer + [telefoonnummer 5] , voorzien van de naam ‘knip, werden weergegeven:
24 oktober 2017 to [telefoonnummer 5] knip: “hey meid alles goed even een vraag wanneer konden jullie werken en de vraag of jullie het goed vinden daar in hotel te slapen scheelt hoop reizen we kunnen vanaf vrijdag of zaterdag aan de gang en dan tot het klaar is gr [medeverdachte 2] ” [82] ;
26 oktober 2017 to [telefoonnummer 5] knip: “hey mop we beginnen morgen met werken laat je vanmiddag even weten hoe laat ik je ophaal morgen x”. [83]
Verbalisant [verbalisant 9] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit CIOT bevraging blijkt dat het telefoonnummer + [telefoonnummer 5] toebehoort aan [naam 11] . Uit onderzoek binnen de politiesystemen blijkt dat er mutaties zijn waaruit is op te maken dat [naam 11] bevriend is met [medeverdachte 5] . [84]
[medeverdachte 5] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Ik heb een iPhone met het telefoonnummer [telefoonnummer 5] op naam van mijn vriend [naam 11] . [85]
[medeverdachte 5] heeft op 8 oktober 2018 bij de politie onder meer als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Enige tijd geleden ben ik een man tegengekomen die [medeverdachte 2] heet. Ik ken hem verder niet. Ik raakte met hem in gesprek en toen hebben we telefoonnummers uitgewisseld. [medeverdachte 2] heeft mij een paar dagen later gebeld. Ik vertelde [medeverdachte 2] ook over mijn schulden. [medeverdachte 2] vroeg mij dan ook een paar dagen later of ik interesse had in schoonmaakwerk. Ik was daar natuurlijk wel in geïnteresseerd. Ik heb dus ingestemd. [medeverdachte 2] vertelde mij op een gegeven moment dat ik een hotel moest regelen in of in de buurt van [plaats 2] , omdat ik daar moest gaan werken. Dat is dan rond december 2017 geweest. Het zou eerst voor 2 of 3 dagen zijn. het is uiteindelijk van zaterdag tot vrijdag geworden, dus volgens mij 6 dagen in totaal. [medeverdachte 2] heeft het allemaal betaald. Ik moest in de ochtend om 07.00 uur klaar staan. Ik ben daar met [medeverdachte 2] naartoe gegaan, in zijn bus. Ik moest van hem achter in de bus gaan zitten. [86]
Ik stond binnen in een gebouw. Hij was naar binnen gereden met zijn bus. Ik stond in een ruimte met een groot rolluik. [medeverdachte 2] nam mij mee naar een andere ruimte. Hij vertelde mij toen dat wat ik eigenlijk moest gaan doen. Hij noemde het een soort schoonmaken, maar dan anders. Hij liet me toen ook die hennepplanten zien. Ik herkende de planten als hennepplanten. [medeverdachte 2] heeft mij uitgelegd wat de bedoeling was. Ik had nog nooit eerder hennepplanten geknipt. Hij deed het mij ook voor. Ik was daar niet alleen. Er waren nog vier vrouwen. Ik kende die vrouwen niet. [87] Zij hebben ook geknipt van zaterdag tot vrijdag. Die andere vrouwen werden ook door [medeverdachte 2] opgehaald. Het waren allemaal oudere vrouwen. Die hadden duidelijk ervaring.
V: Ik toon je nu een aantal foto’s van het bedrijfspand aan de [adres 9] in [plaats 2] waar de hennepkwekerij is aangetroffen. Kun je hierop reageren?
A: Ik herken de foto’s die aan de achterkant of zijkant zijn. Daar reed die bus naar binnen en daar ging ik dan de ruimte in waar ik moest knippen. Ik heb daar één keer geknipt. [88]
[medeverdachte 5] als getuige heeft op 11 juli 2019 ten overstaan van de rechter-commissaris als volgt verklaard, zakelijk weergegeven:
Hetgeen wat geknipt was, werd door [medeverdachte 2] in zakken gedaan. [89]
Verbalisant [verbalisant 9] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Uit de verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoonnummer 6] blijkt dat dit telefoonnummer, in gebruik bij [medeverdachte 1] , op onderstaande datum en tijd aanstraalt op de mast [straat 5] te [plaats 2] , zijnde in de directe omgeving van de [straat 6] te [plaats 2] :
- 30 oktober 2017 om 14.10 en 14.57 uur;
- 4 november 2017 om 13.09 en 13.29 uur;
- 21 november 2017 om 12.50, 12.51 en 16.32 uur;
- 13 december 2017 om 07.14, 07.16 en 07.26 uur. [90]
Verbalisant [verbalisant 9] heeft in zijn proces-verbaal van bevindingen onder meer het volgende gerelateerd, zakelijk weergegeven:
Er is onderzoek gedaan naar de opgeslagen gegevens op de iPhone van [medeverdachte 1] , in beslag genomen op 10 april 2018 tijdens de doorzoeking van perceel [adres 11] te [plaats 3] . Bij het bekijken van een groot aantal opgeslagen afbeeldingen op de iPhone werden twee foto’s aangetroffen waarop een schema zichtbaar was. Dit schema betreft een bestickeringsschema van perceel [adres 9] te [plaats 2] , zoals de bestickering ook daadwerkelijk door de politie werd aangetroffen tijdens het aantreffen van de hennepplantage op 9 februari 2018. Op dit schema is duidelijk zichtbaar de afmetingen van de ramen, de kleur van de bestickering (blauw met logo), met mailadres ( [website] ). [91]

Bewezenverklaring

Het hof acht op grond van de inhoud van wettige bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
1.primair
hij in de periode van 1 december 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft geteeld, bewerkt en verwerkt, in een pand aan de [adres 2] een hoeveelheid van ongeveer 5304 hennepplanten, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.
2.
hij in de periode van 1 december 2017 tot en met 14 maart 2018 te [plaats 1] , tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen 20.744 kWh elektriciteit, toebehorende aan [benadeelde] , waarbij verdachte en zijn mededaders het weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking.
3.
hij in de periode van 1 oktober 2017 tot en met 14 maart 2018 in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 4] en een of meer onbekend gebleven personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van een of meer misdrijven als bedoeld in artikel 11 derde Pro en vijfde lid van de Opiumwet.
Het hof spreekt verdachte vrij van die onderdelen van de tenlastelegging die hierboven niet bewezen zijn verklaard.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde is strafbaar.
Het onder 1 primair bewezenverklaarde levert op:
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod.
Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking.
Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:
deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven als bedoeld in artikel 11, derde en vijfde lid van de Opiumwet.

Strafbaarheid van verdachte

Verdachte is strafbaar omdat geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die maakt dat verdachte niet strafbaar is.

Oplegging van straf

Bij het bepalen van de straf houdt het hof rekening met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte.
Met betrekking tot de aard en ernst van de bewezenverklaarde delicten heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de verhouding tot andere strafbare feiten, zoals onder meer tot uitdrukking komt in het hierop gestelde wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
  • de omstandigheid dat verdachte zich gedurende een aanzienlijke periode schuldig heeft gemaakt aan het deelnemen aan een criminele organisatie met het oogmerk van het op bedrijfsmatige schaal telen van grote hoeveelheden hennep. Deze organisatie huurde daartoe grote bedrijfspanden die vervolgens listig met behulp van bestickering werden gemaskeerd als ware in die panden bonafide ondernemingen bezig met een reguliere bedrijfsvoering. Voorts werden de kwekerijen beveiligd met camera’s en werd een kwekerij beveiligd door een persoon met een vuurwapen. Verdachte is gedurende deze periode een onmisbare schakel gebleken bij het telen van de hennep. Verdachte fungeerde binnen de organisatie als de elektricien/installateur en was (onder meer) verantwoordelijk voor de installatie van elektra in de hennepkwekerij in [plaats 1] , waar ruim 5.000 hennepplanten in een groots opgezette en professioneel ingerichte kwekerij werd geteeld. De illegale hennepteelt op zulke grote schaal en in georganiseerd verband is maatschappelijk onaanvaardbaar en ontwrichtend.
Met betrekking tot de persoon van verdachte heeft het hof in het bijzonder acht geslagen op:
  • de inhoud van het strafblad van verdachte van 17 december 2025, waaruit volgt dat de beslissing van de rechtbank in de aan deze strafzaak gekoppelde ontnemingszaak inmiddels onherroepelijk is.
  • de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, voor zover daarvan uit het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep is gebleken. Verdachte heeft een eigen bedrijf en woont samen met zijn vrouw en kinderen. Verdachte zet zich in voor de aflossing van zijn schulden.
Verder heeft het hof geconstateerd dat de redelijke termijn waarbinnen de berechting had moeten plaatsvinden in hoger beroep is overschreden. De redelijke termijn in hoger beroep is aangevangen op 14 januari 2020, de dag waarop verdachte hoger beroep heeft ingesteld. Dit arrest wordt uitgesproken op 3 maart 2026, en dus niet binnen twee jaar na aanvang van de redelijke termijn. Het hof constateert dat sprake is van een forse overschrijding van de redelijke termijn van vier jaren en ruim één maand. Aan die overschrijding zal het hof gevolgen verbinden zoals hierna wordt uitgelegd.
Het hof acht in beginsel de door de rechtbank opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van voorarrest, passend en geboden. Gelet op aard en ernst van de feiten, de forse overschrijding van de redelijke termijn en de positief gewijzigde persoonlijke omstandigheden van verdachte, acht het hof de oplegging van een taakstraf van 240 uren, subsidiair 120 dagen hechtenis, met daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden, met een proeftijd van 2 jaren, met aftrek van het voorarrest, passend en geboden. Het hof heeft gezien dat verdachte zijn belangrijkste persoonlijke leefgebieden op orde heeft. Echter, de mate van professionaliteit van de hennepkwekerij kleurt de ernst van het bewezenverklaarde en de mogelijke verleidingen die liggen in de winstgevendheid van dergelijke hennepteelt. Om een en ander tot uitdrukking te brengen en om verdachte in de toekomst ervan te weerhouden opnieuw (soortgelijke) strafbare feiten te plegen, ziet het hof aanleiding voor de oplegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf.

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .

De benadeelde partij heeft een vordering tot schadevergoeding van € 12.230,67 ingediend, bestaande uit materiële schade. De benadeelde partij is door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot schadevergoeding. De benadeelde partij heeft in hoger beroep aangegeven dat het oorspronkelijke bedrag nog steeds wordt gevorderd. Het hof moet daarom een beslissing nemen over de bij de rechtbank gevorderde schadevergoeding.
Op de zitting is gebleken dat de benadeelde partij rechtstreeks schade heeft geleden door het onder 2 bewezenverklaarde handelen, de diefstal van stroom. Het hof heeft gezien dat op de factuur van [benadeelde] . de naam van [naam 12] , de huurder van het pand staat en niet die van verdachte. Aangezien op de factuur het adres [adres 2] is aangegeven, wat het adres is waar de hennepkwekerij is aangetroffen, is het voldoende duidelijk tegen wie de vordering zich richt, namelijk tegen degene die verantwoordelijk is voor de diefstal van elektriciteit op dat (aansluit)adres. Verdachte is daarbij betrokken geweest en daarom aansprakelijk voor de daardoor geleden schade. De vordering wordt toegewezen tot het bedrag van € 12.230,67, vermeerderd met de wettelijke rente.
Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, legt het hof de schadevergoedingsmaatregel op.

Wetsartikelen

De straf en/of maatregel is gebaseerd op de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet en de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36f, 47, 57, 140 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden op het moment van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan.
Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Verklaart het onder 1 primair, 2 en 3 bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.
Veroordeelt de verdachte tot een
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden.
Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van
2 (twee) jarenaan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Veroordeelt de verdachte tot een
taakstrafvoor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door
120 (honderdtwintig) dagen hechtenis.

Vordering van de benadeelde partij [benadeelde] .

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [benadeelde] ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde tot het bedrag van
€ 12.230,67 (twaalfduizend tweehonderddertig euro en zevenenzestig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Veroordeelt de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.
Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [benadeelde] , ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde een bedrag te betalen van € 12.230,67 (twaalfduizend tweehonderddertig euro en zevenenzestig cent) als vergoeding voor materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 86 (zesentachtig) dagen. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.
Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.
Bepaalt de aanvangsdatum van de wettelijke rente voor de materiële schade op 14 maart 2018.
Dit arrest is gewezen door mr. G.A. Versteeg, mr. F. E.J. Goffin en mr. A. F. van Kooij, in aanwezigheid van de griffier mr. G.A.G. van Essen en is uitgesproken op de openbare zitting van het hof van 3 maart 2026.

Voetnoten

1.Wanneer hierna wordt verwezen naar paginanummers betreft dit pagina's van op ambtseed of ambtsbelofte opgemaakte processen-verbaal. Deze processen-verbaal zijn als bijlagen opgenomen bij het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van 21 januari 2019, genummerd PL0900- 2018037426 en PL0900-2018071341, opgemaakt door politie Midden-Nederland, Dienst Regionale Recherche, doorgenummerd l tot en met 2419. Tenzij anders vermeld, zijn dit processen-verbaal in de wettelijke vorm opgemaakt door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren.
2.Pagina 97.
3.Pagina 1683.
4.Pagina 1684.
5.Pagina 1685.
6.Pagina 1686.
7.Pagina 1687
8.Pagina 1689.
9.Pagina 1698.
10.Pagina 1732.
11.Pagina 674.
12.Pagina 675.
13.Pagina 717.
14.Pagina 718.
15.Pagina 29.
16.Pagina 26.
17.Pagina 28.
18.Pagina 29.
19.Pagina 126.
20.Pagina 127.
21.Pagina 187.
22.Pagina 192.
23.Pagina 195.
24.Pagina 196.
25.Pagina 206.
26.Pagina 207.
27.Pagina 208.
28.Pagina 209.
29.Pagina 89.
30.Pagina 92.
31.Pagina 97.
32.Pagina 327.
33.Pagina 1963.
34.Pagina 1964.
35.Pagina 120.
36.Pagina 121.
37.Pagina 2183.
38.Pagina 2184.
39.Pagina 1780.
40.Pagina 1781.
41.Pagina 1783.
42.Pagina 1784.
43.Pagina 166.
44.Pagina 169.
45.Pagina 170.
46.Pagina 171.
47.Pagina 172.
48.Pagina 173.
49.Pagina 175.
50.Pagina 177
51.Pagina 1835.
52.Pagina 46.
53.Pagina 1600.
54.Pagina 1601.
55.Pagina 1602.
56.Pagina 1603.
57.Pagina 1605.
58.Pagina 1631.
59.Pagina 430.
60.Pagina 432.
61.Pagina 2410.
62.Pagina 2411.
63.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 5] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 2.
64.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 5] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 3.
65.Pagina 57.
66.Pagina 58.
67.Pagina 84.
68.Pagina 67.
69.Pagina 2367.
70.Pagina 2368.
71.Pagina 2370.
72.Pagina 29.
73.Pagina 26.
74.Pagina 27.
75.Pagina 28.
76.Pagina 29.
77.Pagina 37.
78.Pagina 126.
79.Pagina 127.
80.Pagina 74.
81.Pagina 75.
82.Pagina 77.
83.Pagina 76.
84.Pagina 688.
85.Pagina 2177.
86.Pagina 2181.
87.Pagina 2182.
88.Pagina 2183.
89.Het proces-verbaal van verhoor van getuige [medeverdachte 5] door de rechter-commissaris van 11 juli 2019, blad 3.
90.Pagina 104.
91.Pagina 130.