Uitspraak
[verdachte] ,
Hoger beroep
Onderzoek van de zaak
Het vonnis
Tenlastelegging
hij (op een of meer tijdstippen) in of omstreeks de periode van 1 oktober 2017 tot en met 31 december 2017 te [plaats 1] , althans (elders) in Nederland, en/of te [plaats 2] (België), althans (elders) in België, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, het aangaan van een schuld en/of het teniet doen van een inschuld, te weten 4.075,- euro, althans een geldbedrag, in elk geval enig goed, door
hij in of omstreeks de periode van 11 mei 2018 tot en met 26 mei 2018 te [plaats 4] , althans in Nederland en/of te [plaats 5] , althans in België opzettelijk een auto, merk Volkswagen UP, [kenteken] in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, en welk goed verdachte anders dan door misdrijf onder zich had, te weten als leenauto, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.
Bewijsmiddelen
Bewijsoverwegingen
Daartoe moet de verdachte een of meer van de in artikel 326, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) bedoelde oplichtingsmiddelen hebben gebruikt, door welk gebruik die ander is bewogen tot – voor zover hier van belang - de afgifte van een goed.
Bewezenverklaring
hij in de periode van 1 oktober 2017 tot en met 31 december 2017 te [plaats 1] en te [plaats 2] (België), met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten 4.075,- euro, door
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Oplegging van straf en maatregel
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2]
rechtstreeksverband met de door verdachte gepleegde handelingen staan. Een nader onderzoek daarnaar in deze strafprocedure zou nu een onevenredige belasting van de strafzaak opleveren. Het hof zal daarom de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in dat deel van de vordering. De benadeelde partij kan dat deel van de vordering indienen bij de burgerlijke rechter.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3]
Wetsartikelen
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) maanden.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1]
€ 4.075,00 (vierduizend vijfenzeventig euro) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2]
€ 350,00 (driehonderdvijftig euro) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.
Vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3]
€ 581,40 (vijfhonderdeenentachtig euro en veertig cent) ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de hierna te noemen aanvangsdatum tot aan de dag der voldoening.